Drama in barok Drottningholm

Drottningholm

Drottningholm ligt net even buiten Stockholm op een eiland in het Mälarmeer. “Het is anders maar een klein uurtje varen hoor”, verkondig ik Ech Nie voorzichtig. Ze heeft het niet zo op boten en maakt er doorgaans nogal een drama van als we zelfs maar in de buurt komen van iets dat vaart. “Met de boot?” vraagt ze, scherp als altijd.

“Nee met de bus nou goed?”

“Maar ik word altijd kotsmisselijk als we de woeste baren bevaren”

“Niet van deze schuit schat. Hij gaat alleen maar over een riviertje en….”

“Jawel, ook van die. Jij hebt geen idee hoe erg het is als je zeeziek bent. Je sterft gewoon een duizend doden.”

“Welnee joh, zo’n vaart loopt het niet. Gewoon je ogen richten op al het natuurschoon om je heen en dan komt het vanzelf wel goed.”

“Luister eens”, zegt ze aangebrand, “omdat jij er geen last van hebt wil nog niet zeggen dat een ander zich aanstelt. Ik heb geen zin om een uur lang over de reling te hangen dus je verzint maar mooi wat anders.”

Het werd alsnog de bus.

Drottningholm
Drottningholm

Dramatische bedoening

“Dat overdreven gedoe van jou ook altijd”, mopper ik nog wat na, “het lijkt wel of de hele wereld vergaat zo gauw er bij jou een schip voorbij komt.” Ech Nie haalt haar schouders op. “Boten zijn stom”, doet ze het hele voorval af en daar kan ik het mee doen. “Nou dan zal je Drottningholm ook wel niets vinden”, zeg ik, “want dat wordt door kunstkenners omschreven als een behoorlijk dramatische bedoening.”

“Pardon?”

“Barok hè, schat, barok. Architectuur dat als belangrijkste kenmerk had dat het vooral heel erg buitensporig schitterend moest zijn. Drottningholm is gewoon een aanstellerig praalpaleis vol extravagante kitsch.”

“Waarom gaan we er dan heen als het allemaal zo’n drama is?”

“Omdat we bezig zijn met een queeste schat, hoe vaak moet ik dat nou nog uitleggen? Met zijn glimmende glamour was het voor de welgestelden een middel om zich te onderscheiden van het klootjesvolk. De gedachte erachter was dat door alle pracht en praal de gewone man weer ontzag zou krijgen voor zijn leider, oftewel voor zijn koning en kerk. Verder kon natuurlijk ook niemand zich die pronkzucht veroorloven.”

Drottningholm

Rondje barok

Aangekomen bij het paleis bellen we aan (Bling, Bling) voor een bezichtiging van dit volgens Unesco mooiste voorbeeld van een 18e-eeuwse, Noord-Europese koninklijke residentie. Gastvrij als de Zweden zijn mogen we op eigen gelegenheid door de rijk gedecoreerde kamers paraderen en omdat we de audioguide altijd afslaan leg ik Ech Nie uit wat ze nou eigenlijk allemaal ziet. “In de barok was alles vooral uitbundig. Zuilen kregen kronkels, lijnen werden dik aangezet, contrasten benadrukt en gevels gegolfd. Kleur was belangrijk, net als beweging. Alles was bedoeld om te imponeren en een bepaald gevoel op te roepen. Wandtapijten, beeldhouwwerk en schilderingen moesten daar nog eens extra aan bijdragen.”

Drottningholm
Slaapkamer van de koningin

Al wandelend door de slaapkamer van de koningin begon het Ech Nie te dagen hoe protserig het er in de barokperiode aan toe ging.

“Jeetje”, merkt ze op, “Wat was dat voor een drama-queen? Dat ze nog kon slapen tussen al dat oogverblindende klatergoud.”

“Tsja, de barok was nou eenmaal niet bedoeld voor de innerlijke rust. Barok was sensatie. Het streefde naar een gevoel van frivoliteit, feest en overdaad en daar moest het hele gebouw in mee. Feitelijk was het een vorm van zelfverheerlijking waar je nog in kon wonen ook.”

Drottningholm

De overtreffende trap

We lopen verder langs fonkelende kroonluchters en wandtapijten vol heldhaftigheid maar met name Ech Nie raakt hoe verder we komen hoe minder onder de indruk van alle poespas. De verzadiging slaat toe en ze wil naar buiten voor wat frisse lucht. Onderweg naar de uitgang weet het rood-wit marmeren trappenhuis met zijn negen vrouwenbeelden ons toch nog wat “Oooh’s en “Aaah’s te ontlokken. De dames stellen de negen muzen voor en waren in de mythologie een bron van inspiratie voor de goden. “Net als het trappenhuis een inspiratie was voor de bezoekers van de koning”, bejubel ik het meesterwerk. “Het beeldhouwwerk wordt hier gebruikt als metafoor en dat typeert precies de tijd waar het in gemaakt is. Oftewel, we staan hier letterlijk en figuurlijk op de overtreffende trap van de barok!”

Drottningholm
De overtreffende trap van barok

Barok in beeld

De beeldhouwkunst in de barok hield zich ongeveer aan dezelfde principes als de architectuur. Beweging, contrast en vooral gevoel waren belangrijk. Daarnaast zag men de beelden vooral als onderdeel van het gebouw en niet zozeer als een kunstwerk op zich. Ze hingen er voor de sier en voor het toevoegen van karakter. Verder was er ook hier een voorkeur voor mythologische figuren in de meest dramatische poses. Veel aandacht ging daarbij uit naar de expressie op gezichten, naar emotie en naar spannende, krachtige bewegingen. Dat gold voor het trappenhuis met zijn muzen maar eveneens voor de Franse tuin met zijn Herculesfontein. “Ook al zo’n toonbeeld van barok”, geef ik Ech Nie te kennen.

Drottningholm
rood-wit marmeren trappenhuis

Groene barok

Voor de architecten van de barok stond de tuin altijd in een bepaalde relatie tot het paleis. Huis en tuin moesten één geheel vormen, elkaar aanvullen. Het zicht vanuit het paleis moest groots en weids zijn en omgekeerd mocht het groen de blik op het koninklijk slot niet versperren. De grootte van de tuin was een verwijzing naar de grootsheid van zijn bewoner. Kenmerkend waren een hoofdas, strikte symmetrie, lage geometrische buxushagen en water met fonteinen.

Drottningholm
Drottningholm met Herculesfontein (zonder water)

Op de kruising van hoofd- en bijpassen pakte men meestal uit met een in het oog springende beeldengroep die nog eens hamerde op alle hofsplendeur. De juiste plek dus voor vriend Hercules en zijn zwaaiende knots. “Goed hè”, zeg ik tegen Ech Nie, “hoe de dramatiek van de Griekse held is uitgebeeld en in dit barokke theater tot zijn recht komt. Het is gemaakt door de Nederlandse Michelangelo, Adriaen de Vries, en staat hier nu ter meerdere eer en glorie van het machtige Zweedse koningshuis.”

“Nou inderdaad”, stemt Ech Nie in, “een mooi slot op een dramatische middag.”

“Ik weet niet precies hoe je dat bedoelt”, vraag ik achterdochtig, “maar het meest theatrale onderdeel van deze Unesco-site hebben we anders nog niet gehad. We moeten nog naar…”

“Ik bedoel dat ik er wel weer even genoeg van heb, al dat opgeblazen gedoe hier.”

Drottningholm

Toneelspel

“Ja maar schat”, zeg ik vol emotie, “weet wel dat we dan het belangrijkste van de hele site zullen missen. Dat zou toch ook dramatisch zijn? Omdat een barok paleis alleen niet voldoende is om op de lijst te komen heeft dit werelderfgoed zijn inschrijving vooral te danken aan het bijbehorende slottheater wat nog helemaal origineel is. Zelfs de 18e eeuwse toneeltechniek en alle decorstukken zijn bewaard gebleven. Dát, plus nog een of ander Chinees paviljoen, maakte het architectonisch ensemble op koninklijk domein Drottningholm pas echt uniek!”

“Nou”, zegt Ech Nie gevat, “je zou er bijna een b(a)rok van in je keel krijgen. Maar helaas, we kunnen nou eenmaal niet altijd alles zien, hoe hartverscheurend jij dat ook vindt.”

En dus zat ik even later, voor de tweede keer die dag, tegen me zin in de bus. Een dramatisch slot inderdaad. Ech Wel!

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: