Plitvice, de eerste stap op een lange queeste

Plitvice

Verslaafd aan drank of drugs, of allebei, een leven in de criminaliteit, op de wallen of in de goot, vechtend op de tribunes in het stadion of luisterend naar Metallica; iedereen kent wel die typische EO-verhalen waarin het miezerige leven van een aan lager wal geraakt figuur wordt verteld. Aangedikt met smeuïge details krijgt men de levenswandel van één of andere zielepoot te horen waarbij men vooral niet vergeet te benadrukken dat een Goddeloos bestaan leidt tot een eindeloze reeks aan ellende.

Murw van alle rampspoed raakt zelfs de grootste optimist, in de loop van het relaas, overtuigd van het feit dat sommige gevallen echt hopeloos zijn. Niet te redden. Maar net op het moment dat de demonen zich écht voorgoed meester lijken te maken van de verloren ziel volgt dan de plotselinge openbaring. Jezus stapt hun leven binnen, zet de boel weer op de rails en de arme drommel verandert in een bezeten zendeling.

Die stakker dat ben ik.

Plitvice

Het begin

“Hoor je dat?”, vroeg een verschrikte Ech Nie. Ze had me net een por in mijn zij gegeven en verwachtte nu ogenblikkelijk actie van haar uit de REM-slaap gewekte vriend. “Eh wat?”

“Muizen, Ech Wel!, Ik hoor muizen.”

“Ja èn?”, zei ik, maar ik wist het antwoord natuurlijk al. Of ik ze maar even wilde vangen want zo kon ze toch ech nie slapen. “Tuurlijk schat”.

Het was onze eerste avond in Pula, Kroatië en het was meteen heibel.

De eerste stap

De volgende dag gingen we ons beklag doen bij de receptie. Meestal zijn we niet zo huilerig maar omdat we aan piepend ongedierte een hekel hebben maakten we voor deze ene keer een uitzondering. Eenmaal bij de balie aangekomen bleken meer mensen een uitzondering te hebben gemaakt want er had zich een aardige rij chagrijnen gevormd. “Het zal toch geen plaag zijn?”, vroeg ik Ech Nie, maar zij was inmiddels meer met haar hoofd bij een of ander foldertje dan bij de nachtelijke overlast van Mickey en zijn vrienden. “Oh, dit is misschien nog best leuk ook”, zei ze niet veel later.

“Wat?”

“Nou dit.” Ze gaf me de brochure en wees me op prachtige foto’s van een natuurpark vol watervallen en weelderig groen. “Plitvice noemen ze het.”

“Dat ziet er inderdaad fantastisch uit”, beaamde ik, “maar hoever is dat rijden?” Ik had geen zin om twee keer een lange autorit te maken en we hadden eigenlijk al een uitje naar Zagreb op de planning staan. We bespraken de queestie maar al snel sprak Ech Nie de legendarische woorden; “Er staat hier dat het werelderfgoed is dus dan zal het wel bijzonder zijn.” Dat gaf de doorslag. Zagreb werd geschrapt en Plitvice gepland. Het was het keerpunt worden in ons leven.

Plitvice

Onderweg naar Plitvice

Een paar dagen later stonden we op een bewolkte dag klaar voor de expeditie. Bakken op het strand leek kansloos en dus pakten we onze handdoeken, trokken onze zwemkleding aan en toetsten Plitvice in op de TomTom. “Dat de lucht hier grijs is wil nog niet zeggen dat het 250km verderop ook zo is”, zeiden we hoopvol tegen elkaar. “Met een beetje geluk schijnt de zon daar wel en kunnen we lekker chillen onder een waterval.” We stuurden ons vervoer de weg op en begonnen aan een lange rit door de binnenlanden van Kroatië.

De routeplanner had weer eens een spannende tocht uitgestippeld. Over smalle, hobbelige weggetjes leidde het kreng ons door kapotgeschoten dorpen en langs afgebrande huizen. Vijftien jaar na dato was het inmiddels, maar blijkbaar had men hier na al die tijd nog steeds geen kans gezien om de littekens van de bloedige burgeroorlog weg te werken. Een vreemde gewaarwording, vonden we zelf, maar onze overjarige japanner gaf geen krimp en tufte vrolijk verder.

Plitvice
waterval in weelderig groen

Ongepast

Na nog wat meer krakkemikkige weggetjes vol butsen, builen en bochten arriveerden we opgelucht op de plaats van bestemming. Het laatste deel van de rit hadden we geen sterveling meer gezien en waren de wegen van een dermate bedenkelijk niveau geweest dat we ons op een gegeven moment zelfs afvroegen of we überhaupt nog wel aan zouden komen. Dat lukte uiteindelijk wonderwel maar gelukkig wachtte ons direct na aankomst een volgende verrassing. “Ja hoor Ech Wel, lekker voorbereid weer. Eerst moet ik al doodsangsten uitstaan op de weg hier naar toe en nou blijkt Plitvice nog eens stervenskoud ook!!”

Met onze zonnige inborst hadden we alleen maar rekening gehouden met een hogere temperatuur in het park, dat het ook wel eens andersom zou kunnen uitpakken was niet in ons opgekomen. Stonden we daar in onze zwembroeken tussen de doorgewinterde wandelfanaten met bergschoenen en survivalkit. “En volgens mij is het ook niet de bedoeling dat we het water in gaan”, voegde Ech Nie er fijntjes aan toe. Toen ik haar vinger volgde en de bordjes verboden te zwemmen zag staan begreep ik wat ze bedoelde. Nou ja, het was toch al te koud. We besloten  maar snel wat warms aan te schaffen in de plaatselijke souvenirwinkel en ons vervolgens, gepast gekleed, door het familietreintje naar boven te laten brengen.

Plitvice
Paradijselijk Plitvice

Fabelachtig Plitvice

Eenmaal boven aangekomen ging er een wereld voor ons open. “Waauuuuw! Wat is dit joh?”, riepen we. “Fantastisch zeg! Niet te geloven! Dat zoiets nog bestaat!” Het treintje had ons in een waar sprookjesland afgeleverd en voor onze ogen ontvouwde zich een nog ongeschonden en puur landschap. Het was zo paradijselijk mooi dat we tijdens de wandeling naar beneden voortdurend aan het kijken waren of we niet ergens ook een paar elfjes zagen rondfladderen. Dit was Moeder Natuur op haar best.

Overdonderd van haar schoonheid en genietend van de ons omringende idylle daalden we de heuvel af. Kraakhelder water stroomde overal om ons heen en kletterde tussen het kleurrijke groen van varens en mossen, over kalkstenen dammen, in het ene na het andere turquoise meer. Forellen en kreeftjes voelden zich hier duidelijk thuis en in het omringende oerbos schijnen nog beren, lynxen en wolven te jagen.

Plitvice
Kraakhelder water vol forel

Een laatste ronde en dan…

Diep onder de indruk van het natuurschoon liepen we door tot we aankwamen bij het lagere gedeelte van het park. Daar kuierden we wat rond, staken met een bootje een blauwgroen meer over en bekeken aan de overkant ook nog een waterval of tig. Schitterend mooi, dachten we, en slenterden moe maar voldaan terug naar de auto. We hadden nog een lange rit voor de boeg en met die slechte wegen wilden we die liever niet in het donker maken.

Maar ja, dan zal je altijd zien.

Hoe ik ook contact probeerde te maken, onze gare Jap verrotte het om te starten. Een lichte ongerustheid maakte zich direct van ons meester. Hartstikke mooi dat Plitvice, maar natuurlijk niet als we er de nacht op het parkeerterrein moesten doorbrengen. Shit. “Geen stress schat, we bellen gewoon de verzekering”, probeerde ik rustig te blijven. “Die helpen ons wel weer op pad.” Goed idee vond ook Ech Nie, maar helaas bleek het nummer van onze toekomstige redders wanhopig onvindbaar. Bijkomend nadeel, we hadden nauwelijks bereik op de telefoon en een batterij die bijna leeg was. Slecht nieuws komt altijd in drieën.

Plitvice

Hulplijn

Omdat moeder Ech Wel de reisverzekering had afgesloten belden we haar om raad. “Hallo lieverd!”, nam ze enthousiast de telefoon op. “Geen tijd voor poespas mam”, kwam ik meteen ter zake, “maar we staan in een enorm donker woud met allemaal enge beesten, een bijna lege telefoon en een vervelende kutauto die niet wil starten.” Aan de andere kant van de lijn begon gelijk iemand te hyperventileren. “Rustig blijven moessie”, kalmeerde ik haar vakkundig, “zoek alleen zo snel mogelijk het nummer van de reisverzekering en sms hem als de sodemieter door. Niet bellen want dat kost alleen maar extra vermogen en dan zijn we straks helemaal reddeloos verloren.”

“Dat bracht je weer lekker tactisch”, vond Ech Nie nadat ik had opgehangen. “Wat nou weer?”

“Dat van die wilde beesten was gewoon niet zo handig. Nou maakt dat arme mens zich nog doodongerust.”

“Er zitten hier beren, wolven en lynxen hoor schat, voor je het weet gaan we eraan!”

Plitvice

Spannend

In spanning wachtten we af en, eerlijk is eerlijk, niet veel later hadden we het nummer van de pechhulp ontvangen. Mooi, dachten we, en schakelden meteen onze tweede hulplijn in. “Geen paniek”, zei de verzekeraar, “zolang de plaatselijke ANWB ons maar kon bereiken was er echt niks om ons zorgen over te maken.”

“Nee, dat snappen wij ook wel”, schreeuwden we, “maar als de telefoon straks leeg is wat dan?”

“Dat zou inderdaad een reden voor enige ongerustheid kunnen zijn.”

Daar zaten we dan. Vol angst en beven, op een verlaten parkeerterrein, in een duister bos met als enige hoop een flauw knipperend streepje van een mobiel apparaat. Paradise by the dashboardlight, maar dan anders. Gelukkig kwam aan ons lijden een einde toen na een eeuwig durend halfuurtje de Kroatische wegenwacht meldde dat die onderweg was.

PlitviceBillenknijpen

Lang verhaal kort. De motor werd met moeite weer nieuw leven ingeblazen en ons werd dringend geadviseerd om zo snel mogelijk de accu te vervangen. Geen probleem natuurlijk als je midden in Europa’s laatste oerbos staat, garages genoeg… Nou ja, zolang we gas geven blijft de motor ook wel draaien, dachten we. Hopen maar dat een halve tank ons ook thuis kan brengen…

Met samengeknepen billen en een bevreesde blik op de benzinemeter reden we terug naar huis. En hadden we de heenreis al behoorlijk spannend gevonden, terug beleefden we helemaal als een thriller. Met onze nachtblindheid stond de terugreis sowieso al garant voor een ongezond portie zenuwen lijden maar met de ongerustheid over een lege benzinetank bleek die helemaal een ramp. Tanken durfden we niet omdat we bang waren dat de motor dan weer uit moest en we daarmee definitief zouden stranden.

Het werden de meest bloedstollende uren van ons leven (en even leek ons lot beslecht toen we op een file stuitten) maar uiteindelijk haalden we op de al-ler-laat-ste druppel benzine veilig onze slaapplek. “Als er nou één muis is die zich waagt te verroeren dan sloop ik de hele kelerebende”, zei een nog steeds van spanning zinderende Ech Nie.

Plitvice

De zendeling

Bekomen van alle belevenissen realiseerde ik me dat er zich een wonder had voltrokken. Plitvice was een teken, een openbaring. Plotseling werd ik mij bewust van de Heilige taak die mij was opgelegd en werd ik overvallen door een allesomvattend gevoel van gelukzaligheid. Het besef was gekomen dat ik mijn dagen niet aan het strand of in de kroeg diende te slijten maar dat mij een veel grotere taak wachtte.

Ik moest op reis, de wereld zien. Kennis vergaren, culturen ontdekken.Toen dat inzicht eenmaal was gekomen besloot ik er ook helemaal voor te gaan. Unesco werd mijn weg, mijn waarheid en mijn leven. Ik begon een queeste om alle werelderfgoedsites te bezoeken en nam me voor in het vervolg Unesco’s blijde boodschap te verkondigen aan een ieder die het maar horen wilde. Na iedereen gek te hebben gemaakt in mijn directe omgeving kon uiteraard de digitale wereld niet uitblijven. Het resultaat heeft u voor zich. Ech Wel!

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: