Van het pad af in de Causses en Cevennes

Causses en Cevennes

Dat het niet altijd meevalt Ech Nie te motiveren voor wéér een nieuw Unesco-monument, dat had ik al eens verteld. Mevrouw ligt nou eenmaal liever op het strand. Nog lastiger wordt het als een site in de ogen van Ech Nie slecht bereikbaar is. Dan is ze helemaal moeilijk te overreden en ziet ze alleen nog maar beren op de weg.

Tsja…

Nou wil ik best toegeven dat de queestie bereikbaarheid soms inderdaad een behoorlijke is, maar bij Ech Nie speelt die vaak wel erg snel. Het moet bij haar allemaal niet te steil of bochtig zijn en aan onverharde wegen heeft ze helemaal een broertje dood. In feite komt het er op neer dat alles wat ook maar enigszins van het gebaande pad af ligt, voor haar bij voorbaat al een gruwel is. Ze was dan ook maar wat blij toen ik haar vertelde dat er door de Franse werelderfgoedsite Causses en Cevennes gewoon een snelweg loopt. “Hèhè, eindelijk eens een makkie”, zei ze nog, maar dat viel toch even tegen.

Slingerende vallei in de Causses en Cevennes
Slingerende rivieren sleten de valleien in de Causses en Cevennes uit

Van het pad

Ik had nog zo mijn best gedaan. In mijn ijver al het werelderfgoed van Unesco te bewonderen had ik een route gepland die ons via de A 75 dwars door de site naar ons vakantiehuisje aan de Middellandse Zee zou brengen. Op die manier, dacht ik, sla ik dus meteen twee vliegen in een klap. Ech Nie hoefde zich geen zorgen te maken over moeilijk begaanbare wegen, en ik kon met een gangetje of 140 een nieuwe site toevoegen aan m’n totaal.

Helaas.

Want hoe verschrikkelijk ik ook tijdens de rit uit mijn autoraam keek, ik kreeg geen moment het gevoel dat ik de Causses en Cevennes ook echt “gezien” had. En ja, zo wist ook Ech Nie, dan moesten we toch echt van het gebaande pad af.

Kaart die de locatie van Causses en Cevennes in Frankrijk aangeeft
De Causses en Cevennes liggen in het zuiden van Frankrijk. bron

Makke lammetjes

De Causses en Cevennes zijn eigenlijk twee gebieden. De Cevennes zijn een berggebied ten zuiden van het Centraal Massief in Frankrijk. Ze zijn groen en bosrijk en door verschillende rivieren diep uitgesneden. De Causses zijn de kale, schrale hoogvlakten tussen de bergen in. Al drie millennia lang is de streek het domein van schapenherders die in het “agro-pastorale landschap” hun kuddes laten grazen. “Pastor” is het Latijnse woord voor herder dus vandaar de naam.

De streek staat bekend als een van de weinige plekken waar de boeren nog aan de transhumance doen, de verticale trek van vee. ’s Zomers klimmen de hoeders met hun beesten de berg op, en bij het invallen van de eerste vorst keren ze weer terug naar het dal. De paadjes (drailles) die door al dat weiden zijn ontstaan hebben mede het uiterlijk van dit onherbergzame gebied bepaald. Niet bepaald wereldschokkend zou je denken, maar toch reden genoeg voor Unesco om de Causses en Cevennes een plekje op de lijst te gunnen.

Dik grijs wolkendek over de Causses en Cevennes
Dik grijs wolkendek boven de Causses en Cevennes

Door de Cevennes

Makke lammetjes als wij nou eenmaal zijn, volgen we de wijze raad van Unesco en tuffen enkele dagen later over kronkelige, smalle weggetjes die weinig overzichtelijk zijn. De grillige natuur om ons heen biedt ons telkens weer nieuwe, schitterende vergezichten en dat maakt het rijden voor mij een waar avontuur. Ik ben in m’n element en laat me bij het uitkomen van elke bocht keer op keer verrassen. Ech Nie niet. Die vindt het helemaal niks. Ze merkt al gauw op dat het wel erg rustig is in dit dunbevolkte gebied; “Wat als we pech krijgen of een ongeluk?”

Ik kan me er niet druk om maken. “Kijk nou eens om je heen, schat”, adviseer ik haar, “veel gezonder dan al dat gestress over wat er misschien kan gebeuren. Je hebt vakantie. Geniet.” Maar Ech Nie kijkt alleen nog maar op haar mobiel. Niet om het thuisfront in te lichten over al het moois wat ze ziet. Nee, ze controleert haar telefoon op voldoende bereik, want ja, je zou maar niet kunnen bellen in geval van nood. Wat ze er dan aan gaat doen als er inderdaad geen ontvangst is weet ze nog niet.

Klein dorpje tussen de groene heuvels van de Causses en Cevennes
Op een paar kleine dorpjes na zijn de Causses en Cevennes nagenoeg onbewoond

Queestie van doorbijten

Ik rijd ondertussen gewoon verder. Unesco heeft het behaagd het ons omringende, 900km2 grote natuurgebied op haar lijst van monumenten te zetten, en dan heb ik natuurlijk geen tijd voor mededogen. Ik ben meer van de harde hand en vind dat Ech Nie zich maar over haar banenvrees heen moet zetten. Queestie van doorbijten noem ik dat, anders leert ze het nooit.

Om haar toch wat op het gemak te stellen, prijs ik haar moedige gedrag. Ik vertel haar hoe goed ze het doet in deze onherbergzame contreien, dat het overwinnen van je angsten een overwinning op jezelf is en dat het heus allemaal wel goedkomt. “Van je grenzen verleggen word je alleen maar beter”, zeg ik. “Straks weet je dat je ook dit weer durft en ben je blij dat je het gedaan hebt. Kan je een volgende keer gewoon meegenieten van de omgeving.” Ze slaat haar ogen even op maar besluit toch niet in discussie te gaan. Kansloos natuurlijk. Het enige wat ze hoopt is dat de rondrit voorspoedig verloopt.

Wilderige bomen met mos en een laag muurtje
Een laag stenen muurtje is een van de bezienswaardigheden in de Causses en Cevennes

Bezienswaardigheden

Een echte strategie hebben we niet tijdens ons enerverende uitje. Eigenlijk hopen we er maar gewoon een beetje op dat we met wat goed geluk iets mee krijgen van het cultuurlandschap en de elementen die het volgens Unesco zo kenmerkt. Op een gegeven moment merk ik echter dat het niet erg opschiet en stop ik de auto in de berm van de weg. Ech Nie veert meteen op; “Is er iets met de motor, hebben we een lekke band?”

“Nee schat, niks aan de hand. Ik heb alleen even mijn aantekeningen nodig.” Als ik ze eenmaal uit mijn kontzak heb opgevist kom ik de onrustige Ech Nie wat tegemoet. Ze mag kiezen welke geweldige, agro-pastorale bezienswaardigheid we als eerste gaan bekijken. Plechtig overhandig ik haar de lijst met lokale Unesco-wonderen:

– lage stenen muurtjes ter bescherming van de gewassen
– een kastanjeboomkwekerij
– de teelt van moerbeien
– eeuwenoude schapenweggetjes
– kaasmakerij van Roquefort
– druipsteengrotten
– cirque de Navacelles.

“Goh wat interessant” zegt ze na een vluchtige blik. Ik negeer haar cynisme en vraag belangstellend of ze haar keuze heeft kunnen maken. ”Wat is die laatste?”, vraagt ze. “Dát, mijn lieve schat, is een van de mooiste geologische attracties van Frankrijk. Een zogenaamd keteldal, ontstaan na de laatste ijstijd toen de gletsjers zich terugtrokken.”

“Doe die dan maar”, zegt ze om er vanaf te wezen. “Zoals u wilt mevrouw”, antwoord ik, en stuur onze bolide weer de weg op. Zelf had ik natuurlijk liever de lage stenen muurtjes gehad maar goed, je kan niet alles hebben.

Cirque de Navacelles, een keteldal in de Causses en Cevennes
Cirque de Navacelles

Cirque de Navacelles

Het is slechts 40km verderop maar door al het geslinger kost het ons ruim een uur om er te komen. Rijden in het gebied blijkt, zeer tegen de zin van Ech Nie, behalve spectaculair ook redelijk tijdrovend. Om wat tijd in te halen geef ik extra gas en knal als een volleerd coureur door elke bocht en chicane die we tegenkomen. Het wordt niet echt gewaardeerd. Overtuigd dat achter elke blinde hoek een enorme afgrond op ons ligt te wachten, smeekt ze me bijna om het wat rustiger aan te doen. “Ja maar Ech Nie, ik doe het ook voor jou”, verklaar ik me nader. Een niet begrijpende blik is mijn deel. Ik wijs naar het klokje in de auto. “Het is al laat en ik denk niet dat je hier wil zijn als het donker is.” Misschien had ik dat toch niet moeten zeggen.

Aangekomen bij de cirque parkeren we de auto en lopen het stukje naar de rand van de afgrond. Het is een mooi gezicht maar Ech Nie heeft het inmiddels helemaal gehad. Ze vond het al een dodemansrit bij daglicht maar het doembeeld om de toer in het pikkedonker te moeten vervolgen, heeft haar hoofd helemaal op hol doen slaan. We houden het daarom maar snel voor gezien. Ze heeft ook wel een beetje gelijk, rondrijden in een door God verlaten niemandsland, terwijl je geen hand voor ogen ziet, is ook niet alles. En dan blijkt de rit terug toch altijd weer langer te zijn dan je vooraf dacht.

Witte merrie in de avondschemering
Wit paard zonder prins

Terug over de Causses

We zitten in de auto en klampen ons vast aan de TomTom. Rechts van ons verdwijnt de zon steeds verder uit het zicht en de schemering wordt hoe langer hoe erger. Als we maar op tijd het park uit zijn, denken we beide. Ech Nie staat inmiddels doodsangsten uit. Als ik opzij kijk zie ik slechts een paniekerig meisje dat zich alleen nog maar afvraagt of we dit nog wel overleven. Misschien ben ik toch iets te hard voor haar geweest, denk ik nog.

De weg terug is een andere dan die waar we mee heen zijn gekomen. Slechter vooral. Voor zover we nog kunnen zien (en dat is bijzonder weinig) rijden we over een van de vermaarde Causses, een kale steenwoestijn met hier en daar een stukje struikgewas. De weg er doorheen is een lappendeken van verschillende stukjes asfalt die ons flink door elkaar stuitert.

Kronkelende weg door een landelijke omgeving in het avondlicht
De schemering slaat in

Oud-Rotterdamsch

Dat laatste komt natuurlijk ook door de snelheid waarmee we over de weg razen. We hebben namelijk haast. De navigator geeft aan dat we nog maar een paar minuten van de snelweg afzitten en die willen we zo vlug mogelijk op. Weg uit de zwarte droefenis die ons omringd. We tellen de minuten af die we er nog moeten doorbrengen maar net als we bijna bij nul zijn en in gejuich willen uitbarsten…

…staat er een hek die de oprit naar de snelweg heeft afgesloten! GVD!! Niet te geloven. Ech Nie begint spontaan te snikken en als blijkt dat het hek zich ook niet op zijn oud-Rotterdamsch forceren laat, vloek ik hartgrondig met haar mee. Staan we dan. Er zit niks anders op dan door te rijden naar de volgende oprit. Uiteindelijk valt het allemaal wel mee en rijden we een kwartiertje later alsnog de Causses en Cevennes uit en de comfortabele vierbaans rijksweg op. Langzaam krijgt Ech Nie haar schaapjes weer een beetje op het droge.

Een kolibrivlinder drinkt een paarse distel leeg
Een drankje in de Causses en Cevennen

Schaap?

“Weet je wat ik nou nog het allerergste van de hele dag vind?”, vraagt ze uiteindelijk. Ik verwacht een hele stortvloed aan ellende dus zet me schrap voor de onvermijdelijke klaagzang. “Dat we gewoon geen schaap hebben gezien!”

“Hè?”

“Ja, een agro-pastoraal landschap zeg je. Maar ondertussen is er geen kluwen wol te vinden.”

“Daar zeg je wat, Ech Nie. Daar heb ik helemaal niet meer aan gedacht.” Ik had gelijk aandrang om de volgende dag terug te keren maar dat voorstel werd onmiddellijk getorpedeerd. Veel geblaat, weinig wol, dat werk. En of ik maar even goed in mijn oren wilde knopen dat we de rest van de vakantie gewoon op de gebaande paden zouden blijven. “Nou, ech nie!”

“Ech Wel!”


Heb jij de Causses en Cevennes wel eens bezocht? Hou je van de natuur of kom jeBen jij een avonturier of iemand die graag op de gebaande paden blijft, een natuurliefhebber of een stedenmens? Laat een bericht achter in de comments hieronder, we horen het graag! Ech Wel!

2 Reacties

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: