Laat ik positief beginnen; hoewel we het in april nog somber inzagen hebben we afgelopen september toch twee weken aan de Bodensee gelegen. Bovendien is het ons in diezelfde periode gelukt vier nieuwe werelderfgoedsites te bezoeken. Gezien de huidige omstandigheden geen geringe prestatie, al zeg ik het zelf. (in juli durfden we daar nog niet op te hopen) Maar buiten dat was de trip één grote beproeving…   

Kloostergebouwen St. Gallen met barokke torens van de kloosterkerk
Het klooster in St. Gallen was een van de vier nieuwe Unesco-sites die we bezochten

Prioriteiten

We gingen dit jaar namelijk voor het eerst als gezin op pad. Voor de duidelijkheid; met man, vrouw en kind dus. Dat klinkt misschien gezellig, maar dat bleek al gauw een drama. Want waar de leider van de expeditie er steeds op uit wilde om bezienswaardigheden te bekijken, daar werd hij nu continu tegenwerkt door een dodelijke pandemie en twee onwillige dames.

“Nee hoor schat, dat kan ech nie. Die kleine moet nu eerst slapen.” En als ze dan haar tukkietuk had gedaan. “Nee schat, we kunnen nog niet weg. We moeten haar eerst een boterham voeren.” En als haar happiehap dan eindelijk naar binnen was, “Nee schat, ver rijden is niet goed voor haar, ze moet ook nog lopielopie doen.”   

“Maar ze kan straks toch bewegen?”   

“Zij toch niet? Dan zit ze in de kinderwagen.”   

“Ja, GVD! Hoe kunnen we dan ooit nog een werelderfgoed bezoeken?!”   

“Nou misschien wel helemaal niet. Er zijn nu andere prioriteiten, Ech Wel! Je hebt een kind om voor te zorgen!”   

Prehistorische paalwoningen in het water van de Bodensee
Prehistorische paalwoningen. Ech Leuk was niet de enige die regelmatig de boel op stelten zette

Beperkingen

Je hebt een kind om voor te zorgen? Nou wordt die helemaal mooi. Ik snap best dat het met een baby allemaal een beetje anders gaat, maar dat wil nog niet zeggen dat mijn queeste er onder moet lijden. Wat gaan we nou krijgen?  

Maar dat zag ik dus verkeerd.  

Behalve het patrimonium der mensheid kwam ook al het andere plezier onder druk te staan. Uitslapen ging niet meer, (want Ech Leuk werd al om 7 uur wakker) momentjes voor jezelf waren er niet meer bij, (want zij eiste alle aandacht op) zonnen kon ik wel vergeten, (want daar was haar tere huidje niet op berekend) terrasjes behoorden tot het verleden (want daar zette ze de boel op stelten) en uitstapjes zaten er niet meer in, want daar zag Ech Nie tegen op.    

Klooster van Reichenau met zwart gietijzeren hekwerk en gouden schrijn. Op de voorgrond een tafel met kaarsen
Rustmomenten zoals we op het kloostereiland Reichenau meemaakten waren op een hand te tellen

Ongemakken

Alsof al die kinderachtige queesties niet al erg genoeg waren bleek ons zorgvuldig uitgezochte appartement bij aankomst ook nog eens een studio te zijn. (“Oh, dus een appartement is een woongelegenheid met verschillende, afsluitbare kamers. Joh, dat wist ik helemaal niet…”) Zaten we dus continu met elkaar in een en dezelfde ruimte opgescheept.

En één enkel vertrek om in te leven en te slapen is bepaald niet handig als Ech Leuk daar de helft van de tijd in pitten moet. Dan blijft er voor papa en mama namelijk maar weinig anders over dan heel stilletjes wat te lezen aan de keukentafel. Je wilt tenslotte voor alles voorkomen dat die kleine ondeugd voortijdig uit haar dutje ontwaakt. Dan zijn de rapen immers helemaal gaar. Naar buiten gaan was evenmin een optie, want de tuin moest nog worden aangelegd, en aan romantische escapades hoefden we niet te denken, want dan werd de schone slaapster wakker. 

Tuin met graafmachine en betonnen afzetblokken
Lekker in de tuin zitten was er niet bij…

Voorzorgsmaatregelen

Van tevoren had de huisbaas ons tevens verzekerd dat het “appartement” kindvriendelijk was en dat ons kinderbedje makkelijk in de “slaapkamer” paste. Na het betrekken van de woning bleek echter dat ook deze beweringen grove leugens waren. “Dan moet je het zelf maar weten”, dacht Ech Leuk, en begon onmiddellijk aan de vakkundige sloop van de niet zo stevige schoenenkast.     

In een poging de rest van het meubilair zoveel mogelijk te beschermen tegen de oncontroleerbare wraakzucht van die kleine relnicht, sloten we lades en kasten af met tussen de handvaten geschoven opscheplepels, barricadeerden we de koelkastdeur met aan elkaar gebonden theedoeken en zetten we alles wat los en laag stond, vast en hoog. Niet dat we daarna konden genieten van onze welverdiende rust, natuurlijk niet, want ons tien maanden oud hummel zorgde er wel voor dat we 24/7 achter haar aan konden rennen. “Nee, Ech Leuk, dat is bah. Dat kan je niet eten! Nee, Ech Leuk, dat doet au. Daar moet je vanaf blijven. Nee Ech leuk, daar kan je niet zo vanaf, dan stort je te pletter… enzovoort.”

Pollepel tussen twee keukenhandvatten
Pollepelslot

Oponthoud

Ondanks al het gemeut gemuit wist ik de twee dwarsliggers af en toe toch zover te krijgen dat ze met mij mee naar buiten gingen. Jammer was alleen wel dat het vervolgens weer uren duurde voordat we dan ook daadwerkelijk de deur uit konden. “Waar zijn nou weer de toetsenpoetsers, Ech Wel? Heb jij de mondkapjes gezien? Spoel jij de spenen even uit? Kan jij de maisknabbels in de tas doen? Zitten haar speledingetjes er in? D’r kroel ook? Nou, ik geloof dat we alles wel hebben zo.” 

 “Zo, hèhè…”

“Ik moet alleen nog even naar het toilet…”

En als we dan eindelijk op pad waren dan werd ik natuurlijk weer binnen vijf minuten gesommeerd terug te rijden; “Shit, we moeten omkeren. We zijn de zonnebrand vergeten!” Of de paraplu. Of de luiers. Of weet ik veel wat voor vér-schrík-ké-líjk be-lang-rijk attribuut dan ook. Het was in ieder geval zodanig van levensbelang dat ik er niet onderuit kwam het kleinood onmiddellijk op te halen. Je zou immers maar zonder komen te zitten… (om achteraf vast te stellen dat dat helemaal niet zo erg was geweest)   

Bergtoppen in Zwitserland met horizontale streep
Sardona, Zwitserland was een van die uitstapjes waar Ech Nie als een berg tegenop zag

Frustratie

Eenmaal op de plaats van bestemming was het uiteraard van hetzelfde laken een pak. Zo miezerde het op de eerste dag zo vreselijk hard (ahum) dat de dames het na een stief kwartiertje lopen al volkomen zat waren. “Maar we kunnen toch op zijn minst nog even de kroeg in duiken, Ech Nie? Ik sterf van de dorst!”   

“En hoe wou je dat dan doen met een kinderwagen?”

“Hoe bedoel je? Dat past wel hoor…”

“Nee, Ech Wel, dat past niet. Het is er veel te druk om te manoeuvreren en ik kan die kar nergens kwijt. Bovendien is het Coronatijd hè. Met zoveel mensen in een kleine bedompte ruimte is je reinste zelfmoord!”   

“Dus?”

“Dus gaan we lekker naar huis! Kan Ech Leuk tenminste nog een beetje rondkruipen…”   

“Ja Jezus. Krijg de pesttyf….!”

Gefrustreerd rukte ik het regenzeil van de kinderwagen, flikkerde het ding in de auto en ontdekte net bij het dichtdoen van de achterklep dat het kreng ergens halverwege was blijven hangen. “KNAL!!!! Vol dat slot in me knar. “Aááááh! GVD!!!”   

“Ja, zie je nou? Dat krijg je er nou van. We hadden ook gewoon thuis moeten blijven!”

“Nou inderdaad. Ech Leuk zo’n vakantie…”

“Ech Wel!”     


Dit jaar ook zo fijn op vakantie met een baby geweest? Last van Corona gehad? Of van andere ongemakken? Laat het ons weten in de comments hieronder, we horen het graag!


Nog meer familiequeesties:

Op stap met Ech Nie en haar zus, Ech Nooit

Koninklijke boekenwurm kreeg met Escoriaal de wijsheid in pacht

Over het schrijven van een blog terwijl je kind om aandacht vraagt

Het is klaar met Lübeck, de koningin van de Hanze