Terwijl sneeuwvlokken naar beneden dwarrelen en Ech Nie de verhuisdozen zwijgend vult, denk ik aan het zonovergoten Sicilië, het eiland waar wij twaalf jaar geleden onze wittebroodsweken beleefden. 

Florerend Noto ervaart de krachten van Moeder Natuur

Tussen de heuvels van het vierrivierengebied, te midden van eeuwenoude wijn- en andere gaarden, ging het Noto voor de wind. Het mediterrane klimaat deed de gewassen in de weide omgeving naar hartenlust groeien, de oogsten waren navenant overvloedig en de stad verdiende goed aan wat de omringende velden haar schonken. Helaas was Moeder Natuur niet altijd zo mild gestemd, een eigenschap waar de bewoners van de Val di Noto maar al te goed mee bekend waren. Nog in 1669 had de Etna in een van haar grootste erupties ooit allesverwoestend uitgehaald.

De grillen van de oude dame deden zich in 1693 opnieuw gelden. Dit keer was het alleen niet de aloude vulkaan die zijn vernietigende kracht toonde, maar moesten zo’n 45 verschillende Siciliaanse stadscentra toegeven aan het geweld van een aardbeving die 7,32 op de schaal van Richter haalde. “Rozen verwelken, schepen vergaan, maar onze liefde blijft voor altijd bestaan”, reageert Ech Nie met enig gevoel voor dramatiek.

“Zo is het”, beaam ik, “nu wij in de echt zijn verbonden, krijgt niks of niemand ons nog uit elkaar.”

Pril geluk op Sicilië, niks leek een lang en gelukkig leven in de weg te staan

De alles verwoestende klap

Een jaar geleden is het nu, dat aan ons geluk een einde kwam. Tuurlijk, er waren al wel lichte voortekenen geweest, maar de uiteindelijke klap waarmee wij, als twee massieve continentale platen, op elkaar knalden, had niemand kunnen voorspellen. De ontstane breuk bleek daarna te wijd om nog te overbruggen.

Wie had dat ooit kunnen denken, dat het illustere Rotterdamse reisduo niet langer gezamenlijk aan de weg zou timmeren? Dat er uiteindelijk toch een queestie was die ons zou nekken? Nog maar een paar jaar daarvoor lachte het leven ons toe. Daar onder die Siciliaanse zon. Als kersvers bruidspaar genoten we van elkaar en van al het werelderfgoed dat de 17e eeuwse aardbeving mede mogelijk had gemaakt.

Diverse inzinkingen kregen de kathedraal van Noto er niet onder, en om dat te illustreren werd in haar koepel het Pinksterfeest afgebeeld; met de duif in de top toonde zij haar gemeente dat zij na elke aardbeving toch weer de geest kreeg…

Moraal van het verhaal

“Laat het een wijze levensles zijn, Ech Nie, mochten wij ooit scheiden…”

“Scheiden? Waar heb jij het nou over? Dat gaat nooit gebeuren Ech Wel, daar zorg ik wel voor…”

“Nee maar stel hè, stel…”

“Dat kan niet, Ech Wel! Die ring is voor altijd!”

“Ja maar in theorie is het toch mogelijk? Of dat een van ons tweeën iets ergs overkomt, dat kan sowieso.”

“Hmmm ja, maar daar moet je het eigenlijk ook niet over hebben, je moet dingen niet jinxen…”

“Nee dat weet ik, maar ik wil alleen even iets duidelijk maken. Stel dat we om wat voor reden dan ook onverhoopt alleen komen te staan…”

“Ja dan?”

“Denk dan nog eens terug aan wat de mensen in de Val di Noto klaarspeelden; zij lieten zich door de aardbeving niet ontmoedigen, zoals je misschien zou verwachten, maar zagen de catastrofe als een uitgelezen kans om een nóg betere, nóg fijnere stad te ontwerpen.”

“Je wilt dat ik een stad ga ontwerpen als ik weer vrijgezel ben?”

“Nee, niet echt natuurlijk. De stad is een metafoor voor het leven. Mocht je mij ooit verliezen, treur dan niet te lang, maar verruim je blik. Probeer ons te overtreffen.”

“Dat gaat toch nooit lukken Ech Wel, wat moet ik nou zonder jou?!”   

Na de klap moest alles beter, flamboyanter, expressiever; en in de Val di Noto kwam dat vooral tot uiting in weergaloze balkonscènes

Aardbeving doet geloof wankelen

Alles kan kapot, zo ondervonden de inwoners van Noto. Hun welvarende stad was na de beving zo grondig verwoest dat zij hun oude liefde voorgoed vaarwel zeiden en een kleine tien kilometer verderop helemaal opnieuw begonnen. De katholieke kerk nam daarbij het voortouw. Eendrachtig de regels van de contrareformatie stampten ze het ene na het andere glanzende godshuis uit de grond.

“De contrareformatie? Dat was toch een beweging die inging tegen de opkomende protestantse leer?”

“Dat klopt ja, toen protestanten en katholieken niet langer door een deur konden, meenden laatstgenoemden dat ze de eenheid binnen de Kerk wel weer konden herstellen door de afvallige tegenpartij een blik op de hemelse verrukking te gunnen.”

“Waren de spanningen dan zo hoog opgelopen in Sicilië?”

“Nee, dat niet. Sicilianen zijn altijd katholiek geweest. Maar de rampspoed die hen was overkomen had hen wel wantrouwig jegens de goede God gemaakt. Er werden vragen gesteld als: Hoe had Hij die zo vol van liefde was, zoiets vreselijks kunnen laten gebeuren? Waarom had Hij zijn trouwste aanbidders zo hard geraakt?

De kathedraal herbergt de resten van de heilige Koenraad, de man wiens leven compleet overhoop gegooid werd nadat hij had bekend schuldig te zijn aan het ontketenen van een ramp. Hij wordt vereerd als schoolvoorbeeld van bekering en boetedoening.

Bekering door pronkzucht

Ech Nie begrijpt het probleem: “Tsja, liefde moet wel van twee kanten komen…”

“Precies, maar de beving was zó afschuwelijk geweest dat het rotsvaste geloof bij de bevolking aan het wankelen was gebracht. En de curie zag dat. Zij vreesden dat, als ze niks deden, menigeen de paapse dogma’s vaarwel zouden zeggen, en dat moest natuurlijk te allen tijde worden voorkomen.”

“Dus bouwden ze allemaal nieuwe kerken?”

“Ja, en niet alleen omdat de meeste plat lagen, maar ook met het idee dat alleen een verbinding tussen het devote en het ornamentele de bloedende harten van afgegleden geesten kon heroveren.”

“Hè? Wat bedoelden ze daarmee?”

“Dat mooie kerken niet langer volstonden, voortaan moesten bedehuizen schitteren van pracht en praal!”

Bovenop de Porto Reale prijkt de pelikaan; een christelijk symbool van wederopstanding, vernieuwing en overwinning op de dood

Barok Rome inspireerde architectuur Val di Noto

De architecten die de opdracht hadden gekregen Noto weer op te bouwen waren allemaal geschoold in het barokke Rome, de stad die met de oplevering van de nieuwe Sint-Pietersbasiliek een nieuwe periode in de architectuur had ingeluid. Het weelderige gebruik van goud en marmer, de vele toegepaste zuilen en de met glinsterende mozaïeken beklede koepel van het Vaticaan dienden de Siciliaanse bouwmeesters als een soort blauwdruk voor hun eigen ontwerpen.

“Vandaar dat deze kerk dus ook van die fraaie kolommen bij de ingang heeft?”, vraagt Ech Nie, als we net na de koninklijke toegangspoort (Porto Reale) via de hoofdweg Corso Vittorio Emanuele op de kerk van Francesco d’Assisi van de onbevlekte ontvangenis stuiten. “Heel goed meissie, die pilaren accentueerden de grootsheid van Gods huis. Maar hun sierlijke bewerking geven het gebouw ook iets frivools, iets uitbundigs. De katholieke kerk wist immers wat haar schare fans had moeten doorstaan en wilde daar iets feestelijks tegenover stellen.”

Kunstige barokzuilen aan weerszijden van de entree geven de kerkingang een theatraal kader

Dom Noto presentje van Sint

Niet veel verder staat de met een koepel uitgeruste kathedraal van Noto. “Inderdaad schat, een bolwerk geïnspireerd op Pieters stolp in Rome.”

“Ja dat dacht ik al.”

‘Maar wist je ook dat de Dom gewijd is aan Sint Nicolaas?”

“Nee joh, onze eigen beste tabbertman?”

“Jazeker. De Goedheiligman staat hier in hoog aanzien vanwege zijn hulpvaardige karakter. Hij stond mensen in nood altijd nabij.”

“En Noto stikte natuurlijk van de mensen in nood…”

“Dat kan je wel zeggen ja, velen waren tijdens de ramp alles kwijtgeraakt. Hun huis, hun spullen, hun dierbaren. De (psychische) nood was hoog. De basiliek was dan ook een kadootje aan alle getormenteerde zielen die hier rondliepen; zo hadden ze tenminste een plek waar ze met hun emoties terecht konden.”

“Een kadootje van de Sint, hoe toepasselijk…”

Palazzo Nicolaci di Villadorata staat bekend om zijn imponerende balkons die bedoeld waren om voorbijgangers op te vrolijken

Barok moest plezier in leven terugbrengen

Een breuk doet wat met een mens. Het is een droom die uit elkaar spat, een ideaalbeeld dat aan gruzelementen gaat. Om dat trauma tegen te gaan werd op Sicilië de zogenaamde aardbevingsbarok ontwikkeld, een architectuurstijl die, meer nog dan de “gewone” barok, speelsheid en enthousiasme moest benadrukken. Volgens de stedenbouwkundigen van die tijd moest de barokke stad niet alleen een centrum van goede smaak en elegantie zijn, maar had hij ook tot taak het geknakte gemoed van zijn bewoners te herstellen. In hun ogen diende de stad een genot te zijn om doorheen te wandelen; harmonieuze ruimtes werden geacht de mensen te behagen en de kunst had tot doel de Netini weer te verblijden en een gevoel van eigenwaarde te geven.

Als trotse overwinnaar van het kwaad gaf Hercules de burger weer moed. Hij was degenen die, na danig op de proef gesteld te zijn, uiteindelijk werd vergoddelijkt. De Netini hoopten dat voorrecht in de toekomst met hem te delen

Netini spiegelen zich aan legendarische Hercules

“Kijk bijvoorbeeld maar naar deze fontein waar onze vriend Hercules, de Griekse held waar zo’n beetje ieder zichzelf respecterende stad (of vorst) zich door de eeuwen heen mee identificeerde, zo zelfvoldaan trots poseert. Hij staat hier met de Nemeïsche leeuw aan zijn voeten, het beest dat volgens de Griekse mythologie de vallei van Nemea met dood en verderf terroriseerde.”

“Eh, ik snap hem even niet. Wat is dan precies de reden dat de kunstenaar voor dit onderwerp koos?”

“Nou dat lijkt me toch duidelijk? De leeuw symboliseerde de aardbeving, degene die de Val di Noto zoveel onheil had gebracht. Maar gelijk Hercules het monster overwon, zo zegevierde ook Noto over de seismische gruwel. In eerste instantie vertolkte de artiest dat door Hercules met een knots in zijn hand uit te beelden (waarmee hij volgens de mythe het beest versloeg), maar omdat blijkbaar wel meer mensen op die manier de link naar de tragedie niet begrepen koos het gemeentebestuur er enkele decennia later voor om het wapen van de held te vervangen voor het wapen van de stad. Vandaar dat nu het Sint-Joris kruis (ook al een symbool van een legendarische held die triomfeerde over het kwaad) boven de leeuw prijkt.”

Ondanks dat Johannes de Doper als boeteprediker veel tijd in de woestijn doorbracht, ver weg van alle luxe, ging men tijdens de wederopbouw van Ragusa “vol op het orgel” met het decoreren van zijn kathedraal

Ech Nie vindt het paradijs

Enige maanden geleden, tussen alle financiële queesties en het scheiden van de boedel door, meldde Ech Nie plots een nieuw huis te hebben gevonden. Een paar kilometer hier vandaan. “Oh beter?!”, reageerde ik verrast. “Dat is nog rap gegaan.”

“Ja een wijs man zei eens tegen me dat ik, als ik er ooit alleen voor kwam te staan, dat ik dan niet bij de pakken neer moest gaan zitten maar beter kon proberen mezelf te overstijgen…”

En terwijl Ech Nie al scrollend de foto’s van haar aanstaande onderkomen toonde, prees ik haar prestatie. “Nou zo te zien is dat aardig gelukt. Het heeft wel wat weg van ons oude appartementje aan de Maas; alleen veel luxer. Goed gedaan hoor.”

“Ja, en ik ben van plan dit helemaal mijn eigen paradijsje te maken; je weet wel, met veel goud en marmer en zo. Lekker blingbling!”

Stapje voor stapje naar hogere sferen in Ragusa

Na Noto vervolgen wij onze weg naar Ragusa, een ander barok wonder een stukje verderop. “Kijk Ech Nie, daar de katholieke kerk er dus alles aan gelegen was om de sympathie van het volk door middel van pronk te heroveren, construeerden ze hun kerken als podia voor het goddelijke; de een nog glorierijker dan de andere.”

“Oh ja.”

“En de trap die naar deze zaligheid leidde vormde de verbinding tussen hemel en aarde. Vanaf de begane grond leidde hij je met iedere stap naar een hoger niveau, naar de zetel van de Almachtige. De trap symboliseerde dus als het ware de opgang naar het paradijs.”

“Wat een mooi gedachte”, vindt Ech Nie, en met een verliefde blik kijkt ze eerst naar mij en dan naar de blinkende diamanten om haar ringvinger. “In feite deden wij hetzelfde toen we vorige week de bordestrappen van het Rotterdamse stadhuis beklommen…”

“Hè? Hoezo? Op dat pluche zetelt nou niet bepaald de Almachtige hoor…”

“Nee dat niet. Maar toen de ambtenaar van de burgerlijke stand ons daar tot man en vrouw verklaarde geraakten we wel in de zevende hemel; en dat is net zoiets als het paradijs…”

“De zevende hemel wordt inderdaad gezien als de hoogst mogelijke staat van gelukzaligheid ja, daar heb je gelijk in. En het klopt ook dat dit overeenkomt met het streven van de barokke bisschoppen; overweldig de bezoeker van het glanzende godshuis en schenk hem een beetje spirituele XTC.”

Links van de Dame-van-de-Onbevlekte-Ontvangenis staat Johannes de Doper, herkenbaar aan zijn stok en dromedarishaar vervaardigde mantel

Eeuwige trouw is het hoogste goed

Daar Ech Nie ondeugend aangeeft mij zo ook wel even in extase te willen brengen, blijft ons bezoek aan de stad beperkt tot de bezichtiging van de kathedraal van Johannes de Doper, de beschermheer van Ragusa. “Johannes was de wegbereider van Jezus, de man wiens leven gekenmerkt werd door lijdende dienstbaarheid. Hij bracht een groot deel van zijn bestaan door in de woestijn (waar hij tal van ontberingen doorstond), kwam als ijverig verkondiger van de heilige boodschap in conflict met de macht en stierf tenslotte als martelaar van het christelijke geloof een gewelddadige dood.”

“Maar wat doet zo’n zielenpiet dan op de voorgevel van deze kerk, Ech Wel? Is dat niet een beetje in tegenspraak met wat je net vertelde? Ik dacht dat de herders het leven van hun schapen juist weer wilden veraangenamen?”

“Dat was ook zo, maar dat de mensen tijdens en na de beving ontzettend hadden geleden was natuurlijk zonneklaar, en dat die pijn nog lang niet verdwenen was eveneens. De geestelijkheid had echter ook in de smiezen dat gedeelde smart, halve smart was, en daarom wilden ze de Sicilianen aantonen dat zware beproevingen van alledag waren, dat zelfs de belangrijkste Bijbelfiguren niet aan het noodlot ontkwamen. Integendeel. Velen van hen stierven ondanks hun goede daden een tragische dood.”

“Ja maar dat stemt toch juist moedeloos, zou je zeggen?”

“Nee want de clou was nou juist dat zij die in weerwil van hun beulen trouw bleven aan hun gelofte en de waarheid, door God beloond zouden met een gegarandeerd plekje in het hemelse paradijs.”

Caltagirone deed als stad van de keramiek zijn naam eer aan door zijn beroemde trap met majolica-tegels te versieren

Days like this will break your heart

Eind februari is het zover. Ech Nie vertrekt. Wanneer ze samen met Ech Leuk uit het zicht is verdwenen en ik terneergeslagen terugkeer naar mijn plaatsje op de bank, raakt een nummer van The Slow Readers Group een gevoelige snaar.

It’s such a sweet temptation
That may forever be a fantasy
That I may be awoken
Lie in your arms for all eternity

Dat gaat dus niet meer gebeuren, denk ik met bedroefd gemoed, en dat weet de zanger ook:

I’m waiting for tomorrow
The sand is falling through the hourglass
Now I belong to sorrow
It seems that none of this was built to last

Een vuiltje in m’n oog dwingt me de soundbar tot zwijgen te brengen. Misschien kan ik beter wat gaan doen, maar wat?

In geval van ernstige calamiteiten wenden de inwoners van Caltagirone zich tot de Madonna di Conadomini die een plekje heeft gevonden in de Santa-Maria-del-Monte-kerk. Zij geldt als de beschermvrouwe van de stad

Johannes en Maria belichamen het lijden van de mens

Van alle acht steden waaruit dit werelderfgoed bestaat, gaat Caltagirone er prat op dat ze de mooiste trap van allemaal bezit. De met kleurrijke keramiektegels beklede treden zijn 142 in getal en verheffen haar beklimmers naar Santa Maria del Monte. “Pffff,” verzucht Ech Nie, “die Heilige Maria van de Berg ligt er wel dik bovenop hè?”

“Ja schat, op Sicilië wisten ze wel hoe ze de Tenhemelopneming van de Moedergodin moesten benadrukken. Daar vormt deze trap wel het ultieme bewijs van.”

Net als Johannes de Doper belichaamde Maria voor de Sicilianen het menselijk leed van een christen op aarde. Zij was de vrouw van de zeven smarten, de wenende Madonna die in navolging van haar Zoon bakken vol ellende had moeten doorstaan. Religieuze leiders tilden haar daarom op een voetstuk en bewezen met haar levensloop hoezeer God zich in tegenslag en moeite openbaarde.

“Zodat overlevenden van de aardbeving zich aan haar konden spiegelen?”

“Exact. Haar lijden verenigde zich met het lijden van de Sicilianen. In haar vonden zij troost. Daarom stond bijna elk godshuis in haar teken, de Santa Maria del Monte uiteraard, waar een alom vereerd icoon van Onze-Lieve-Vrouw bewaard wordt, maar bijvoorbeeld ook de kerk van Francesco d’Assisi van de onbevlekte ontvangenis. De Moeder der Smarten figureert hier tussen vier typische Mariasymbolen. De palmtak staat voor haar overwinning op de dood en het lijden, de Toren van David verwijst naar haar fiere houding en haar beschermende functie als moeder, de hemelpoort duidt op haar rol als bemiddelaar tussen mens en God en de cederboom refereert aan haar kracht en doorzettingsvermogen.”

Het zandsteen in Noto geeft de bouwwerken in ochtend- en avondschemering een gouden gloed, in Caltagirone zal dat niet gauw gebeuren. Veel monumenten smachten er naar een onderhoudsbeurt. Karakter kan de stad daarentegen niet ontzegd worden

Op zoek naar verlossing

Scheiden doet lijden. En als de stilte in huis zich opeens doet gelden, nemen de demonen bezit van me. Als de liefde dood is, wat heeft het leven dan nog voor zin? Tot overmaat van ramp keert zelfs mijn eigen lichaam zich tegen me. Een gebroken hart kwelt me tot in het diepst van mijn wezen. Uit arren moede grijp ik naar de fles. Whisky moet de pijn verzachten, me een uitvlucht bieden uit de bittere realiteit waarin ik ben beland. In eerste instantie vind ik het ook nog wel een romantisch idee, een schrijver die zijn ongeluk met alcohol probeert te temmen, maar al snel zie ik de waanzin van mijn handelen in. Geen Schotse malt is tegen mijn leed opgewassen.

Daar drank geen verlossing brengt, stort ik me ten einde raad op het zuiveren van ons oude lusthof. Een opgeruimd huis is immers een opgeruimd hoofd, zeggen ze. Tussen het poetsen door toets ik tevens al datgene wat Ech Nie heeft achtergelaten aan drie nieuwe regels; heeft het de juiste kleur, werkt het, heb ik het de afgelopen jaren nodig gehad? Is het antwoord negatief dan gaat het rigoureus de deur uit. Opgeruimd staat netjes.

“Wat is het hier leeg”, stipt Ech Leuk aan, als ze zich zondag bij mij meldt.

“Ja”, geef ik haar te kennen, “als we dan toch een nieuwe start moeten maken dan kunnen we maar beter met een schone lei beginnen.”

Maskerade in Caltagirone…

Catania herrees als een feniks uit haar as

De laatste plaats die we aandoen is Catania, de stad die, zo laat de feniks op de barokke Porta Garibaldi ons weten, steeds mooier uit haar as herrees. Met het epicentrum van de beving net buiten haar haven kreeg Catania het waarschijnlijk het zwaarst te verduren. Liefst 16.000 van de 20.000 inwoners lieten bij de ramp het leven. “Maar dat weerhield de overlevenden er dus niet van de stad weer glorieus op te bouwen,” vult Ech Nie aan, ten teken dat ze de cyclus van dood en wedergeboorte, die de Val di Noto zo kenmerkt, inmiddels begrijpt.

“Precies, net als de vuurvogel uit de antieke mythe stond zij op uit de vlammen en toonde ze veerkracht door nog verrukkelijker dan eerst op het wereldtoneel terug te keren.”

Nieuwe toekomst leunt op ver verleden

Dood en wedergeboorte, destructie en constructie, verdriet en vreugde; het waren telkens weer tegenovergestelde werelden die de aardbevingsbarok op kunstige wijze bij elkaar wist te brengen. De olifant op het Domplein is daar misschien wel het meest sprekende voorbeeld van. Het antieke beeld werd teruggevonden in de ruïnes van de stad, net als de obelisk die hij op zijn rug heeft, maar kreeg naar het voorbeeld van Bernini’s olifant in Rome tijdens de wederopbouw van Catania een ultramodern, barok jasje aangemeten.

“Waarmee heden en verleden dus werden verenigd?”

“Ja dat dus. Hetzelfde zien we bij de gevel van de kathedraal; op en top barok, maar de zuilen op de voorgevel komen van het oude Romeinse theater die de stad rijk was.”

“Oh? Hadden ze dat niet beter gescheiden kunnen houden?”

“Nee joh, het was juist bedoeld om de bewogen geschiedenis van de stad te verzoenen met de nasleep van de aardbeving. Het hielp de bewoners bij hun helingsproces. Op die manier leerden ze dat ze niet te lang moesten rouwen om wat ze allemaal kwijt waren, maar dat ze moesten voortborduren op wat ze nog hadden.” 

Barokke pracht aan Catania’s Domplein. Het Palazzo del Seminario dei Chierici deed ooit dienst als opleidingsinstituut voor priesters

Vervang niet alles wat stuk is

Het gemis is groot als we denken aan wat eens is geweest, maar vandaag in stukken op de grond ligt. Toch proberen we, tussen de puinhopen van ons vroegere bestaan, er allebei weer wat van te maken. Ech Nie, à la Noto, een paar kilometer verderop, ik, gelijk Catania, op ons oude vertrouwde plekje. Daarbij zijn wij trouw aan wat we destijds tegen elkaar zeiden; treur niet te lang, maar tracht dat wat was te overstijgen. “Hee, nieuwe plantjes”, ziet Ech Leuk als ze verder op onderzoek uitgaat. “En een nieuwe waterkoker.”

“Ja schat, bij een nieuwe start horen ook nieuwe spulletjes.”

“Waarom, waren ze stuk?”

“Nee, niet stuk, maar deze zijn gewoon beter. Als iets niet meer goed is, of niet meer past, dan moet je het vervangen.”

“Ga je dan ook een andere foto boven jullie bed hangen? Een zonder mama?”

“Dat weet ik nog niet, wat vind jij?”

“Hmmm”, ze denkt even na, maar zegt dan beslist; “Nee, deze moet blijven. Er is geen betere mama.”

In de Dom van Catania worden het stoffelijke overschot van St Agatha in een met juwelen versierde, zilveren schrijn bewaard. Inwoners van de stad roepen haar voorspraak in bij aardbevingen en hartstochten

Pathos van het lijden

Behalve contrasten zit Barok ook boordevol beweging. Het zet aan om voort te gaan in plaats van achterom te kijken of stil te staan. Gebouwen werden daarom uitgerust met golvende gevels, ovalen en holronde lijnen. Ze werden ontworpen om zoveel mogelijk dynamiek te genereren en zijn aanschouwers van nieuwe energie te voorzien.

Zittend op een terrasje aan het Domplein is het precies deze vitaliteit die ons doet besluiten nog maar eens te proosten op een lang en gelukkig huwelijk. “Wat een heerlijkheid beleven we hier toch”, verzucht Ech Nie, nadat we de glazen hebben laten klinken. “De schoonheid om ons heen, de zon op ons gezicht, de passie tussen ons twee. Wat valt er nog meer te wensen?”

“Absoluut fantastisch”, antwoord ik haar opgetogen, “En dat het maar altijd zo moge blijven.”

“Ach, daar maak ik me geen zorgen over.”

“Nee dat deden ze in de Val di Noto ook niet; vóór de beving, maar eenmaal een illusie armer ging hun bruisende levenswijze steevast gepaard met de pathos van het lijden.”

“Ja, dat blijf ik toch maar raar vinden. Waarom zou je dat doen?”

“Omdat het geloof verkondigde dat alleen zo Verlossing kon worden bereikt.”

Agatha op de voorgevel van de kathedraal. Scènes uit haar leven staan bovendien gebeeldhouwd op de entreedeur en de binnenkant van de kerkkoepel

St Agatha leerde; geen redding zonder beproeving

Om bovenstaande te verhelderen wijs ik mijn geliefde op de kathedraal aan de overkant; “gewijd aan Sint Agatha, je weet wel, die dame wiens zijden sjaaltje de stad vroeger voor de ondergang behoedde?”

“Ja dat vertelde je op de Etna. Zij had toch met dat kledingstuk een complete lavastroom tegengehouden?”

“Ja postuum nog wel, dus dat was met recht wonderbaarlijk. Maar bij leven had ook zij enorm moeten afzien. Zij moest in naam van haar geloof afgrijselijke martelingen doorstaan alvorens haar zuivere ziel mocht opstijgen tot Gods eeuwige troon.”

“Eh ja dus?”

“Dus was zij, net als Johannes de Doper en de Gezegende Moeder, een voorbeeld voor de Cataniërs. Zoals haar lijdensweg uiteindelijk Onze Vader noopte haar in het paradijs te ontvangen, zo zou Hij naar verloop van tijd ook de door pijn verteerde achterblijvers in Zijn huis verwelkomen. En tot die tijd konden zij uit haar verhaal de kracht putten die ze nodig hadden om door te gaan.”

Op het schild staat de inscriptie: MSSHDEPL. Het zijn de beginletters van een Latijnse tekst die volgens de legende door een engel op het graf van St Agatha werd aangebracht. Het geldt als een hemelse bevestiging van haar heiligheid en haar rol als beschermvrouwe van Catania

Ontsnap uit het tranendal

Wat te doen, wat te doen? Met het huis aan kant, en de leegte nog altijd daar, laat ik alle gebeurtenissen nog eens de revue passeren. Het was destijds zo mooi begonnen, daar op Sicilië, na een spetterend huwelijksfeest werkte de levenslust die we waarnamen in haar steden aanstekelijk. Verliefd waren we natuurlijk al, maar de warmte, de vrolijkheid, de uitgelaten sfeer om ons heen maakte ons helemaal euforisch. Niet zelden verkeerden we in zo’n bruisende stemming dat we gelukkig huppelend door de straten banjerden.

Het schrille contrast tussen die periode en de huidige toestand doet me haast ineenkrimpen van verdriet. Maar net als ik de bodem van de put nader schiet het me ineens te binnen; wat zit ik hier nou neerslachtig te doen joh, alsof ik daar beter van word? Troost zoeken bij lotgenoten kan misschien helpen, net als het opkalefateren van de woning, maar er is natuurlijk maar een ding wat het leven pas éch zin geeft. Dat ik daar niet eerder aan gedacht heb. Ik krabbel mezelf bij elkaar en ren naar mijn computer…

De kerk zag in de Barok een expressie van een herboren katholicisme en verkondigde haar boodschap het liefst met behulp van zoveel mogelijk heiligen. Bij de Basilica Maria Santissima staat Agatha links op de hoek vroom te wezen

Fabelachtige balkons karakteriseren Siciliaanse barok

Met de heildronk achter onze kiezen, tippelen we arm in arm verder richting Piazza Mazzini, waar 32 antieke zuilen (afkomstig uit een Romeinse basilica) de adellijke paleizen opluisteren. “Ja, het mixen van heden en verleden was behoorlijk populair tijdens de hoogtijdagen van de aardbevingsbarok”, meld ik nog maar eens ten overvloede. “Dat zagen we natuurlijk al bij menig kathedraal en fontein, maar was zeker ook onder aristocraten een geliefd middel om de eigen casa op te leuken. Wonderlijk genoeg richtten ze zich daarbij vooral op de eigen balkons…”

“Ja dat viel mij ook al op. Al die typische figuren aan de onderkant.”

“Mooi hè? Zij fungeren daar als een soort waakhond tegen het onheil, een Siciliaans gebruik wat teruggaat op de oudheid.”

Kunst als positieve visualisatie; een hele cast aan personages riep bij passanten een heel scala aan gevoelens op. Het ornamentele verzachtte het traumatische

In het theater van de lach laat niemand een traan

“Fabeldieren kwamen veelvuldig voor maar vaak waren het ook gewoon verwrongen koppen die allerhande emoties vertoonden. Want daar ging het in de Barok om; emotie, drama. Bewogen gezichtsuitdrukkingen moesten voorbijgangers in hun ziel of onderbuik raken.”

“Zodat ze de dagelijkse ellende even konden vergeten?”

“Ja, inderdaad. Onze zintuigen maken wie we zijn. Wat zij waarnemen beïnvloedt ons gestel. Het zien van alle tronies werkte zodoende therapeutisch. Het deed straten en pleinen veranderen in openbare rehabilitatieruimtes. Het was hun theater dat alles betrekkelijk maakte, dat relativeerde.”

“En zo waren de mensen weer in staat zichzelf te herpakken?”

“Ja, wederopstanding door werelderfgoed. Is het niet geweldig?”

Show must go on

Het redde de Sicilianen, en het zal ook mij weer op de rails krijgen: Unesco-werelderfgoed. Om geen tijd te verliezen boek ik snel een reis.

“Ech Wel!


Ook wel eens de Val di Noto bezocht? De grond onder je weg voelen zakken of jezelf overtroffen. Laat het ons weten in de reacties hieronder, we horen het graag!

Koppen die grijnzen, grimassen of grommen; ze zijn overal en hadden vaak een diepere betekenis (die tegenwoordig vaak niet meer te achterhalen valt

Praktische informatie

Het werelderfgoed bestaat in totaal uit 8 steden. Naast bovengenoemde plaatsen zijn dat:

  • Militello Val di Catania
  • Modica
  • Palazzolo
  • Scicli

De briljante balkons zijn het fraaiste exponent van de aardbevingsbarok en zijn in elke stad terug te vinden. In Noto mag je wat dat aangaat Palazzo Nicolaci di Villadorata niet overslaan, in Ragusa mag je de Via Capitano Bocchieri niet overslaan, in Caltagirone wacht Palazzo Gravina-Pace op je maar de meest bijzondere zijn toch de erotische sculpturen van Casa Domenico tempio aan de Via Vittorio Emanuele in Catania.

Eeuwenlang gold Hercules als het grote voorbeeld van mannetjesputters en andere voorname lieden; op de Olympische Spelen spiegelden atleten zich graag aan de antieke held, de Habsburgers gingen er met hun Plus Ultra prat op verder dan hem gekomen te zijn, in het Spaanse La Coruña eerde men meneer met een vuurtoren en koning Karl uit Hesse richtte een compleet park voor hem in.

In de kathedraal van Johannes de Doper in Ragusa worden naar verluid een tand en andere relieken van de profeet bewaard. Het is echter niet het enige godshuis dat claimt resten van Jezus’ voorganger te bewaren; ook de kathedraal van Amiens, het Topkapi-paleis in Istanboel en de kathedraal van Siena zeggen over een paar overblijfselen te beschikken.

Wederopstanding vond niet alleen in de steden van de Val di Noto plaats; werelderfgoed Telč, Le Havre, Warschau en Mathildenhöhe herrezen evengoed uit de as. (om maar niet te spreken van de vele Duitse binnensteden die in de Tweede Wereldoorlog met geallieerde bombardementen te maken kregen)

Evenmin is Val di Noto het enige patrimonium dat architectuur als medicijn hanteerde. De architecten die tekenden voor Hospital de Sant Pau en Mathildenhöhe hadden dezelfde gedachte.

Jaar van inschrijving: 2002
Bezocht: 10-06-2014
Nummer: 79

Lees ook:

Wieskirche verkondigt blij; zonder lijden geen verlossing
Na veertien staties manifesteert zich de Ware op kruisweg Kalwaria Zebrzydowska