Behalve een schitterende kathedraal herbergt het Spaanse Burgos ook het museum van de menselijke evolutie (Museo de la Evolución Humana) “Een zegen”, zo leg ik Ech Nie uit, “want dan hoeven we tenminste niet naar die homo’s in Sierra de Atapuerca.”         

“Pardon?”

“Sierra de Atapuerca. Een karstgebergte vlak buiten de stad. Daar werd niet zo lang geleden de oudste Europeaan ter wereld gevonden…”

Fossiele vindplaatsen

Hoewel homo ontmoetingsplaatsen fossiele vindplaatsen natuurlijk hun plekje op de werelderfgoedlijst verdienen, zijn ze dikwijls niet zo interessant om te bezoeken. Ze liggen meestal ergens achteraf, zijn vaak nogal duister en laten hun bijzondere en universele waarde doorgaans lastig doorgronden.

“Er is gewoon geen hol te zien, Ech Wel. Zeg dat dan!”

“Nou dat is niet helemaal waar natuurlijk. Veel van deze plekken bevinden zich in rotsspleten of grotten…”

Moderne glasgevel van het museum van de menselijke evolutie

Museum van de menselijke evolutie

Gelukkig bewaren paleoantropologen (Grieks voor zij die fossielen van mensachtigen bestuderen) hun vondsten eigenlijk altijd in speciaal voor dat doel ontworpen musea. In Burgos staat zelfs een nagelnieuw exemplaar.

“En daar wil jij heen?”

“Ja hèhè. Tenzij je liever naar een paar in de grond wroetende wetenschappers gaat kijken natuurlijk…

“Nou nee, laat maar…”

Wroetende wetenschappers op de site aan het werk (bron)

Bijbelse kanttekeningen

Tegenwoordig schatten we de ouderdom van de aarde op zo’n 4.55 miljard jaar, maar tot diep in de 17eeeuw hield men haar leeftijd op een kleine zes millennia. Zorgvuldige bestudering van Bijbelse teksten en het optellen van oudtestamentische stambomen hadden tot deze uitkomst geleid. De grootste slimmerik van die tijd was zelfs tot de slotsom gekomen dat onze planeet op de avond van 22 oktober 4004 voor Christus was ontstaan.

De Bijbel diende vroeger niet alleen om de ouderdom van de aarde te bepalen, maar vormde de basis van élk onderzoek. Geschiedkundigen gebruikten het Heilige Schrift als hun ultieme naslagwerk en de Kerk verkondigde Zijn boodschap als de enige waarheid. Men begon echter aan het Woord te twijfelen toen door ontdekkingsreizen en experimentele wetenschap een hele andere wereld aan het licht kwam. Zo schenen de Chinezen helemaal geen last van de zondvloed te hebben gehad en stelden astrologen met behulp van een telescoop vast dat de aarde zich niet in het centrum van het heelal bevond (zoals de Bijbel beweerde).

Toen de aarde nog in het centrum van het heelal lag…(bron)

Twijfels over klassieke werken

Tegelijkertijd met de eerste kritiek op de Bijbel ontstonden er ook vraagtekens rondom de klassieke werken van oude wijsgeren als Aristoteles en Plato. Lange tijd fungeerde hun filosofische gedachtegoed als het fundament onder een ordelijke wereld van proportie en harmonie, (men had planeten, kleuren, getallen, jaargetijden, vormen, planten, elementen allemaal in vier groepen gedeeld en hen allen een eigen diepere, symbolische betekenis gegeven) maar naar verloop van tijd bleek die bedachte samenhang toch niet helemaal te kloppen.

Dezelfde telescopen die namelijk eerst het ongelijk van de Bijbel hadden bewezen, toonden nu ook aan dat Aristoteles’ uiteenzetting van het universum niet strookte met de werkelijkheid. Het firmament was veel groter dan hij altijd had gezegd. Daarnaast demonstreerde proefondervindelijk onderzoek dat niet alleen het zuivere denken tot diepere inzichten kon leiden (zoals Plato steeds had geclaimd) maar dat ook de zintuigen de waarheid konden achterhalen. Zelfstandige waarneming werd dan ook de lijfspreuk van een nieuwe generatie wetenschappers. Niet langer vergaarden zij louter kennis door het lezen van klassieke boeken, maar men begon er nu ook daadwerkelijk op uit te trekken en veldwerk te verrichten.

1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, en toen was er leven. De schepping zoals die volgens de Bijbel plaatsvond (bron)

Darwin en de Kerk

Maar waar biologen ijverig elk organisme onder de loep namen en geologen driftig begonnen te graven, daar duurde het bij paleoantropologen nog een kleine twee eeuwen voor ze in beweging kwamen. Niet zo gek ook, want pas toen Charles Darwin in 1858 de evolutietheorie introduceerde, ontstond het vakgebied pas echt. Daarvoor hield men zich vooral krampachtig vast aan het christelijke scheppingsverhaal. Men dacht dat de natuur niet veranderde en dat zijn finesse en pracht het bewijs waren van het bestaan van een intelligente schepper.

“Het scheppingsverhaal? Maar de Bijbel had toch afgedaan?”

“Hij was aantoonbaar onjuist ja, maar dat wilde nog niet zeggen dat men dan ook maar gelijk de religieuze dogma’s losliet. Dat stond zo ongeveer gelijk aan zelfmoord. Alles wat ook maar enigszins indruiste tegen de kerkelijke leer kon steevast rekenen op de toorn van onze Vader. En eenmaal door de Kerk verkettert kon je een verdere, glansrijke carrière wel vergeten. Nieuwe vindingen werden daarom zoveel mogelijk binnen bestaande, religieuze kaders geperst. Zo stelde men bijvoorbeeld dat Bijbelteksten niet letterlijk moesten worden genomen of dat een Goddelijke dag gelijk stond aan duizend aardse jaren.

Bekende spotprent van Darwin met het lichaam van een aap (bron)

Evolutietheorie

Darwins theorie kwam er in het kort gezegd op neer dat alle dieren en planten uit een gemeenschappelijke oervorm waren voortgekomen. Zij hadden zich in de loop van miljarden jaren ontwikkeld en waren door toevallige veranderingen in erfelijk materiaal tot bloei gekomen. Dat ze succesvol konden bestaan, dankten ze aan hun aanpassingsvermogen. De boude stelling was zo in tegenspraak met alles wat het christendom altijd had beweerd dat ze tot op de dag van vandaag door religieuze fanatici in twijfel wordt getrokken.

Helaas kon Darwin zijn theorie toen nog niet onderbouwen met gevonden, mensachtige fossielen, maar hij voorspelde wel dat dit binnen afzienbare tijd zou gaan gebeuren. En hij kreeg gelijk. In 1890 legde de Nederlander Dubois op Java de eerste resten van een echte rechtopstaande aapachtige mens bloot…

De “vitrines” waarin de fossielen resten van mensachtigen worden bewaard. (binnenin mocht je helaas geen foto’s maken)

Homo’s en nichten

Na het zien van enkele prehistorische schedels kan Ech Nie er met haar hoofd nog niet bij. “Maar welke aap was dan onze directe voorouder, Ech Wel?”

“Nou, het eerlijke antwoord luidt dat we dat nog niet precies weten, Ech Nie. Al lijkt wel zeker dat het een stel homo’s waren.”

“Hè? Een homostel?”

“Ja, dat klinkt misschien gek maar dat is wel de waarheid. En Lucy was onze eerste nicht.”

Het geslacht Homo

Omdat Ech Nie na dit antwoord alleen maar bedenkelijker kijkt, vertel ik haar over de eerste homo die hier op aarde rondliep. “Rechtop wel te verstaan. Een unicum.”

“Ja, de meeste homo’s staan liever gebukt natuurlijk…”

“Ech Nie, alsjeblieft… Ik probeer hier een serieus verhaal te vertellen.”

“Ja, jij hebt het de hele tijd over homo’s.”

“Homo is de algemene term voor een mens met verstand, slimmerd. Ik heb het niet over die halfnaakte geilneven die je elk jaar weer door de Amsterdamse grachten ziet trekken!”

Lucy (bron)

Lucy

“Afijn. Lucy dus. Op 24 november 1974 werd ze in Ethiopië gevonden. Ze was 3.2 miljoen jaar oud en werd vernoemd naar de Beatles-song Lucy in de sky with diamonds. Een nummer wat de paleoantropologen tijdens hun graafwerk veel draaiden. Lucy gold meteen als een sensatie. Tot dan toe vermoedde men altijd dat de mens pas op twee benen leerde lopen nadat het een groot brein had ontwikkeld, maar uit Lucy’s overblijfselen konden de onderzoekers afleiden dat zij zich met haar kleine herseninhoud ook al zo voortbewoog.”

“Koppie koppie hoor, die meid!”

“Nou en of. Bovendien is het verhaal ook typisch voor de paleoantropologie. Men heeft een theorie, maar behalve dat die continu ter discussie staat, moet die ook telkens worden bijgesteld. Eigenlijk is het in deze tak van sport zo dat het er na elke vondst alleen maar complexer op wordt. Van een evolutie in een rechtopgaande lijn is dan ook allang geen sprake meer. Het bekende plaatje van een aap die in verschillende stappen naar de moderne mens evolueert, geldt ondertussen als volkomen achterhaald.”

Het bekende evoltieplaatje is allang achterhaald

Homo habilis, erectus en ergaster

Na Lucy gold de Homo habilis lange tijd als de eerstvolgende stap in de evolutie. Hij werd beschouwd als de eerste handige mens omdat hij in staat leek stenen werktuigen te maken. Leek. Want toen er van de volgende homo, de Homo erectus, (die lange tijd werd gezien als de opvolger van de Homo habilis) fossiele resten werden gevonden die ongeveer even oud waren als die van zijn veronderstelde voorganger, rees de logische vraag; wie van de twee produceerde nou die gereedschappen?

Het was niet het enige probleem met de Homo erectus (wat staat voor opgerichte aapmens). Steeds als hij door de geleerden een plekje op de tijdlijn van de geschiedenis had gekregen, dook er ineens weer een afwijkend skelet op die de hele theorie op zijn kop zette. Gevolg van al die vindingen was dat de Erectus werd onderverdeeld in een hele serie sub- of ondersoorten; de Javamens, de Pekingmens, de Solomens etc. Het enige wat nog van de homo overeind bleef, was zijn Aziatische afkomst. Maar toen openbaarde zich in Afrika eveneens een paar Erectus mannen. En omdat die weer behoorlijk afweken van de Aziatische variant werd besloten deze hominiden een aparte naam te geven; de Homo ergaster.

Stenen werktuigen gevonden in Atapuerca

Homo georgiscus

“Ik begin de kluts een beetje kwijt te raken, Ech Wel.”

“En met jou nog vele anderen Ech Nie. Want net toen men klaar was met de Erectus en de Ergaster legde men in de Georgische aarde een geraamte bloot dat opnieuw een andere interpretatie noodzakelijk maakte. De botten verschilden zoveel met voornoemd duo dat ook deze homo erkend werd als een nieuwe soort; de Homo georgicus.”

“Ech Wel, het is misschien beter als je je verhaal zou beperken tot de vondsten die in Atapuerca zijn gedaan. Dat lijkt me al moeilijk genoeg.”

“Okee, nou dan ben ik gauw klaar. Er zijn hier overblijfselen gevonden van de Homo antecessor, de Homo heidelbergensis en de Homo sapiens.”

“Nee hè, toch niet nog meer homo’s?”

“Ech wel.”

Doodskop van in 1992 in Atapuerca gevonden Homo heidelbergensis (bron)

Homo heidelbergensis, neanderthalis en sapiens

Uit een van de Homo erectus-soorten ontwikkelde zich de Homo heidelbergensis, de eerste mensachtige die op groot wild jaagde, aan ziekenzorg deed en schuilplaatsen bouwde. Hij wordt door menig paleoantropoloog beschouwd als de voorouder van zowel de Neanderthaler (Homo neanderthalis) als de moderne mens (Homo sapiens). Zoals wel vaker zijn ook bij deze laatste twee de namen afgeleid van hun vindplaatsen, respectievelijk de Duitse Neandervallei en de Duitse stad Heidelberg.”

“Nou dan zijn we er wel hè. Met de Homo sapiens was de evolutie voltooid.”

Dat klopt. Maar het verloop werd er niet makkelijker op toen men in Atapuerca de Homo antecessor vond.”

Speerpunten die de Homo heidelbergensis tijdens de jacht gebruikte

Knekelput

Hoewel de Homo heidelbergensis voor het eerst in Heidelberg ten tonele verscheen (1907) houdt men sinds 1988 het Spaanse Atapuerca als zijn belangrijkste vindplaats aan. Dat kon ook moeilijk anders want waar men voorheen al blij was met de vondst van een enkel botje, (of als men écht geluk had meerdere fragmenten van eenzelfde figuur) diepte men uit de zogenaamde knekelput (Sima de los Huesos) van Atapuerca maar liefst 30 verschillende individuen op. Hun leeftijd varieerde van 300.000 tot 780.000 jaar oud.

En dat was (hoe kan het ook anders) een probleem.  

Homo antecessor

De Homo heidelbergensis is in Europa op meerdere plekken opgegraven maar tot aan Atapuerca had men nooit beenderen aangetroffen die ouder waren dan 500.000 jaar. De 780.000 jaar oude Spaanse knoken zou je dus op zijn minst opmerkelijk kunnen noemen. Maar net toen men aarzelend begon aan te nemen dat Heidelbergensis blijkbaar al wat eerder de aardkloot bevolkte, vond men in 2007, in de Olifantsspleet (Sima del Elefante) een onderkaak van 1.2 miljoen jaar oud. En dat kon natuurlijk al helemaal niet.

“De hypothese kon weer de prullenbak in?”

“Inderdaad. De Spanjaarden kwamen vervolgens met een theorie op de proppen waarin ze stelden dat de Homo ergaster op zeker moment uit Afrika vertrok en zich in de richting van Azië ontwikkelde tot de Homo erectus en in Europa evolueerde tot de Homo antecessor. De Homo antecessor (wat Spaans is voor voorouder) was volgens hen dus de stamvader van alle Europeanen.”

Onderkaak van Homo antecessor van 1.2 miljoen jaar oud

Wie was onze voorouder?

“Zo, hèhè. We zijn d’r. Dus we stammen af van de Homo antecessor?”

“Nou, volgens die lui in Atapuerca wel ja. Maar lang niet iedereen is het met die conclusie eens. Volgens sommige onderzoekers is de Antecessor helemaal geen aparte soort, maar behoort hij toe tot de Erectus groep. Anderen rekenen hem weer tot een lokale variant van de Homo heidelbergensis…”

“Jeetje Ech Wel, lekker duidelijk allemaal. Dus als ik het goed begrijp heeft de Homo heidelbergensis de beste papieren?”

“Ja, maar het kan ook zo zijn dat de Heidelbergensis op zeker moment is uitgestorven en dat de Homo sapiens uit Erectus of Ergaster werd geboren…”

“Tsjongejonge, wat is dat voor wetenschap joh, die paleoantropologie? Na 150 jaar zijn ze nog steeds niks wijzer dan Darwin?”

“Nou hoho, niet zo snel. Ze hebben inmiddels al wel helder dat iedereen homo is en dat onze Vader er niks mee te maken heeft. Ech Wel!”


Ook wel eens Atapuerca bezocht, geëvolueerd of wat opgegraven? Laat het ons weten in de comments hieronder, we horen het graag!


Lees ook:

Mijn gangen door de neolithische onderwereld van Spiennes
Terug naar de steentijd in de grot van Altamira