De Eolische eilanden in zwaar weer

Eolische eilanden

“Nog eentje maar schat en dan hebben we ze allemaal gehad. Dan is Sicilië compleet.” We toerden al twee weken rond op het Italiaanse eiland en onze vakantie naderde zijn voltooiing. Ech Nie zuchtte eens diep. “Nog eentje?”, vroeg ze op de haar zo kenmerkende, verveelde toon. “Er komt geen einde aan. Waar moeten we nog nu nog weer naar toe dan?”

“De Eolische eilanden meissie, vermaard om hun vulkanisme en genoemd naar Aeolus, de Griekse god van de wind.” Ik bracht het zo luchtig mogelijk maar wist meteen dat ik op zwaar weer kon rekenen. “Eilanden?” klonk het verschrikt. “Ja”, antwoordde ik rustig. “Of eigenlijk gewoon bergen, bergen in zee…” Het was een poging haar de wind uit de zeilen te nemen maar dat bleek vergeefse moeite. “Bergen dus?”, herhaalde ze smalend. “Wat dacht je? Als ik het haar zo vertel dan stemt ze er misschien wel mee in?” Het eerste briesje van de dag stak gelijk de kop op.

Eolische eilanden
Lavabergen

Tegenwind

“Helemaal niet”, ontkende ik onmiddellijk. “Ik wilde juist benadrukken hoe bijzonder het werelderfgoed is. Ik bedoel, wie gaat er nou met een boot naar de bergen? Dat is toch best bijzonder?” Ik zag de bui al hangen en probeerde daarom de discussie naar rustig vaarwater te leiden maar met al mijn geschipper had ik een kapitale blunder gemaakt; ik had het “B-woord” laten vallen. Ech Nie begon meteen te steigeren. “Ik ga niet op een boot Ech Wel! Dat weet je toch, dan word ik zeeziek. Hoe vaak moet ik je dat nou nog vertellen?” Het briesje wakkerde snel aan tot een fikse tegenwind.

In de luwte

Ik probeerde mijn zin door te drijven en gooide het over een andere boeg. “Als je maar vaak genoeg tegen jezelf zegt dat je het niet kan dan wordt het ook nooit wat Ech Nie! Je moet je grenzen wel durven te verleggen! Wat als Columbus die instelling van jou had gehad? Of de gebroeders Wright? Die lieten zich niet beperken hoor. Die gingen gewoon door. Van iedereen kregen zij de wind van voren maar zij hielden desondanks vast aan hun idealen. Zij durfden te dromen en dat legde ze uiteindelijk bepaald geen windeieren.”

“Ik zie niet in wat dat met…”

“Dat kan jij óók Ech Nie! Ook jij kan jezelf ontwikkelen. Moet je alleen wel af en toe uit je beschutte comfortzone komen en je kop in de wind gooien.”

“Ik zit anders liever in de luwte…”

“Ja maar dan zal je nooit tot volle wasdom komen, Ech Nie. In een queeste is het nou eenmaal zo dat je hindernissen moet zien te overwinnen. Zo werkt dat. Dan kan je niet bij de eerste de beste queestie je handen in de lucht gooien en zeggen dat je het niet kan. Dan mis je de boot. Het is juist op die momenten de bedoeling dat je de uitdaging aangaat en probeert het maximale uit jezelf te halen. Moet jij maar eens kijken, straks, als je landt op één van de zeven Eolische eilanden, wat een voldoening dat geeft. Wetende dat je iets gedaan waarvan je dacht dat je het niet kon stemt een mens onwijs tevreden.”

Eolische eilanden
Storm op komst

Storm

Mijn pleidooi had niet meteen het gewenst effect. “Weet je wat het met jou is, Ech Wel?” reageerde ze gebeten, “jij bent net rupsje-nooit-genoeg. Jij wilt altijd meer. Je hebt niet eens in de gaten dat ik al hartstikke veel doe voor die achterlijke queeste van jou. Wij zijn hier op onze huwelijksreis, weet je nog? Dan hoor je te genieten van zon, zee en elkaar! Maar nee hoor, niet met Ech Wel. Die scheurt het hele godvergeten eiland over omdat die zo graag oude Griekse tempels wil zien. Of rommelende vulkanen. Zolang het maar Unesco is dan is het goed. Maar ik ben d’r klaar mee Ech Wel. Ik wil dit niet!” Van een fikse tegenwind waren we inmiddels in een stevige storm beland.

Afnemende wind

“In een goed huwelijk is het geven en nemen Ech Nie. Dat weet jij ook. En doe nou niet of we nog helemaal niet op het strand geweest zijn want dat is gewoon niet waar. Trouwens, weet je waar zich één van de mooiste stranden van Sicilië bevindt? Precies, op Lipari. Het grootste eiland van allemaal. Laten we daar dan heen gaan. Heb jij je strand en ik m’n site, beter kan toch niet?” Ech Nie, blijkbaar toch een beetje schuldbewust van haar plotselinge uitval, moest daar even over nadenken. “Hoe lang duurt die boottocht eigenlijk?”, vroeg ze uiteindelijk. Gelukkig, dacht ik, de wind is even wat gaan liggen.

“Dat valt reuze mee”, antwoordde ik. “We pakken de boot vanuit Milazzo en dan kunnen we in een uurtje op het witte strand van Lipari liggen. Spiaggo Bianco noemen ze dat daar. Lig je liever wat rustiger en op zwart zand dan moeten we naar Vulcano, het eilandje ernaast. Het zogenaamde Spaggia di Sabbia Nera schijnt helemaal bijzonder te wezen. Het eiland, pardon, de berg, is trouwens vooral vanwege zijn vulkanische verleden interessant. Ze zeggen dat Aristoteles in de oudheid al begonnen is het ding te onderzoeken en dat ze daar tot op de dag van vandaag nog mee bezig zijn. Maar goed, wat voor jou misschien interessanter is om te weten; ze hebben er heerlijke thermale baden. Goed voor je gezondheid en humeur…”

“Hmmm”, zei Ech Nie ietwat schoorvoetend, “misschien moeten we dan inderdaad maar even gaan kijken…”

Eolische eilanden
Lavasteen

Orkaan

“Dat dacht ik ook!”, riep ik enthousiast. En met de wind zo lekker in de zeilen deed ik er nog een schepje bovenop. “Stromboli is overigens de ware zevenklapper van het stel. Het was de plaats waar volgens de mythes de troon van Aeoles stond. Het kind van Poseidon (God van de zee) gaf de windrichting aan door gebruik te maken van de rookpluim uit de vulkaan. Hartstikke slim natuurlijk! En omdat de vulkaan op Stromboli nog springlevend is doet die dat kunstje nog steeds. Geweldig toch? Bang dat je de rookpluim mist hoef je ook al niet te zijn want de vulkaan is nog zo actief als wat. Een paar keer per dag, en soms zelfs een paar keer per uur, stoot de berg kokendhete lava uit. Schitterend om te zien hoor, werkelijk waar…”

“Ik wist dat er nog iets zou komen…”

“Ja maar het zou toch zonde zijn als we dat unieke natuurverschijnsel zouden laten varen?”

“Mwoah…”

“Het ligt alleen een ietsiepietsie verder in zee…”

“Als ik het niet dacht. En hoe ver is dat ietsiepietsie?”

“Vier kleine uurtjes maar…”

“Vier uur?!” Ech Nie ontplofte. “Ben jij helemaal gek geworden?! En dan moet ik zeker maar hopen dat Aioli niet net zo chagrijnig is als die goede oude Hephaistos van je?” De stoom kwam uit haar oren en ik wist dat ik mijn kansen op een goede afloop had verspeeld. Wie wind zaait kan storm verwachten, zoiets. Ik probeerde de situatie nog te redden door te stellen dat Aeoles juist mensen hielp en ons heus niks zou doen maar ik wist dat het slechts vechten tegen windmolens was. Lang verhaal kort (dat had ik nou eenmaal beloofd); wat begon als een licht briesje groeide uit tot een orkaan van een discussie. Aan het eind van het liedje blies ik het hele avontuur maar af en legde me neer bij haar veto.

Eolische eilanden
Huwelijk op de klippen?

Overwaaien

Stilletjes had ik gehoopt dat de hele queestie wel over zou waaien maar daar bleek ik me lelijk in vergist te hebben. Ech Nie had het even helemaal gehad met de Unesco-queeste en omdat ik mijn huwelijk niet gelijk in de eerste twee weken van haar bestaan op de klippen van de Eolische eilanden wilde laten lopen berustte ik in mijn lot. Maar ja, vervelend was het natuurlijk wel. Straks zouden we weer terug naar huis vliegen zonder dat we het werelderfgoed hadden bezocht. Een vreselijk scenario, in mijn beleving, die me meer en meer parten ging spelen. Wat moest ik nou?

De queestie speelde op het vliegveld van Catania nog steeds door mijn hoofd. We stonden op het punt van vertrekken en ik wist me van ellende geen raad. In plaats van terug te kijken op een geslaagde honeymoon overheerste bij mij vooral een algeheel gevoel van falen. “Ga jij maar bij het raam zitten”, zei Ech Nie in haar streven mij een beetje op te beuren. Pfff, dacht ik, alsof dat ook maar enigszins het missen van de Eolische eilanden goedmaakte. Ik kon er niks aan doen maar verweet haar toch stiekem onze misser. Het was tenslotte haar schuld dat we er niet waren geweest. Mokkend nam ik dan ook plaats op mijn stoel en sloot mijn ogen. Beter even een tukkie doen dan de troostende woorden van Ech Nie te moeten aanhoren.

Bliksem

Net na het opstijgen kon ze me echter toch weer niet met rust laten. “Hé, stuk chagrijn, wordt eens wakker!”, zei ze, terwijl ze me in mijn zij porde. Ik sloeg haar advies in de wind en deed net of ik al in een diepe slaap was gesukkeld. Ech Nie trapte er alleen niet in en stompte me nog wat harder. “Laat me met rust, Ech Nie”, zei ik een beetje kriegel. “Ik ben niet in de stemming.“

“Oh sorry hoor, ouwe mopperkont. Ik wilde alleen maar even weten of dat daar beneden nou Vulcano of Stromboli was…”

“Hè, wat?” Als de bliksem schoot ik overeind. Had ik dat nou goed gehoord? Ik keek uit het vliegtuigraam en jawel hoor, daar lagen ze. De Eolische eilanden. “Maar, hoe, wie, waar?”

Eolische eilanden
Daar lagen ze, de Eolische eilanden. Het kegelvormige eilandje is Stromboli

Tornado

“Ik heb tijdens een onderonsje met de piloot verteld dat hij een Unesco-fundamentalist aan boord had”, zo lichtte Ech Nie me in. “Ik vertelde hem er gelijk bij dat de situatie behoorlijk ernstig was maar dat die wellicht een ramp kon voorkomen door even over een paar lullige eilandjes te vliegen. Daar hoefde voor de rest niemand van te weten en het zou de fundamentalist er zeker van weerhouden gekke dingen te gaan doen. Verkoos die het oude vluchtplan dan waren de consequenties voor hem.”

Gevoelens van intense liefde, extase en euforie borrelden in mij op en gierden als een tornado door m’n lichaam. Dit had ik echt nooit meer verwacht! Uit pure vreugde vloog ik Ech Nie om de hals en beloofde haar andermaal mijn eeuwige trouw. “Dat heb je nou eens goed gedaan, schat!”, complimenteerde ik haar. “Geweldig gewoon!” Eenmaal weer enigszins bij zinnen pakte ik haar hand en deelde haar mee dat het wat mij betreft een fantastische huwelijksreis was geweest. Ech Nie knikte instemmend. “En wat fijn ook dat we dan toch nog de laatste Unesco-site hebben gezien hè?”, voegde ik er aan toe. Opnieuw gaf Ech Nie me gelijk. “Eigenlijk hebben we het best goed hè, saampies?”, was mijn conclusie en weer was ze het met me eens. Het was weer goed. De storm was gaan liggen en tevreden vlogen we (hand in hand) terug naar ons mooie Rotterdam. Ech Wel!

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: