Aan de Schie gezeten
turend in het zwerk
het stadsgeraas geweken
ontstijgt men aan zichzelf

Daar ligt ze dan, mijmer ik:

vierkant, hoog en hoekig
gekanteld in het tegenlicht
.

Erkend als werelderfgoed, fonkelend van trots…

Van Nelle is niet romantisch
heeft geen tijd voor flauwekul
is niet vatbaar voor suggesties
luistert niet naar slap gelul

Van Nellefabriek met groep ganzen op de voorgrond
Gans Rotterdam bewondert Van Nellefabriek

Van Nellefabriek werelderfgoed

Het is 21 juni 2014. We zijn nog maar net terug van onze Siciliaanse “honniemoen” of ik verneem thuis het grote nieuws; Rotterdam heeft eindelijk haar eerste patrimonium der mensheid binnengesleept. “Zallie wel verkeerd gehoord hebben dan”, schampert Ech Nie. “Hoe bedoellie?”

Rotterdam heeft geen verleden
en geen enkele trapgevel

“Nee dat klopt, dat rotgeintje van onze Oosterburen ben ik niet vergeten hoor…”

Maar het hart van Rotterdam
uit puin en as herrezen
klopt weer als een speer
En niemand houdt het tegen

“Dat zeg ik; Rotterdam is veels te modern, daar kommie nooit mee op de Unesco-lijst.”

Luchtbruggen van staal en glas lopen van Van Nellefabriek naar expeditiegebouw
Een gedicht van staal en glas

Functionalisme

Begin vorige eeuw ontstonden er nieuwe ideeën omtrent vormgeving en architectuur. Een functionalistische manier van denken deed zijn intrede; baksteen en decoratie gingen op de schop en licht, lucht en ruimte presenteerde men als het nieuwe ideaal. Daarnaast vond men dat ontwerpers een zekere mate van maatschappelijke verantwoordelijkheid droegen. Het was aan hen om met behulp van design de mens te verheffen en men zag gewapend beton, staal en glas als de middelen om dat te bereiken.

“En wat hep dat allemaal met Rotterdam te maken?”

“Kees van der Leeuw deelde die mening.”

Ronde uitbouw van staal en glas
“Vol onbedwongen licht en toegemeten ruimte”

Walter Gropius

Kees van der Leeuw zwaaide in die tijd de scepter bij van Nelle. Als directeur van de groothandel in tabak, thee en koffie was hij een aanhanger van het modernisme en wilde hij graag bijdragen aan het creëren van een betere samenleving. Hij had namelijk al snel door dat louter winstbejag de maatschappij niet vooruit zou helpen.

Het werk van noeste krachten was onontbeerlijk in het productieproces en daarom stond bij Kees de gezondheid van het personeel voorop. Om echter in zijn nieuwe fabriek “de juiste condities voor de geestelijke evolutie van de mensheid te kunnen scheppen”, achtte hij het noodzakelijk om samen met zijn architecten eerst bij de beroemde Walter Gropius te rade te gaan. Laatstgenoemde had immers met zijn Fagusfabriek en utopische Bauhaus de revolutie in de bouw ontketend en wellicht was hij ook in staat de Rotterdammers tot iets moois te inspireren.

“Lijk me stug. Die Gropius was een regelrechte ramp!”

“Nee Ech Nie, Gropius was een groot genie. En de Van Nellefabriek getuigt daarvan.”

Gevel en luchtbruggen Van Nellefabriek in een blik gevangen
“De gestaalde daadkracht van een droomfabriek”

Knappe Nel

“WHAHAHAHAHA”, buldert ze. “Als zo’n kale kutfabriek moet bewijzen hoe goed je wel niet bent dan stel je dus echt niks voor hè.”

“Wat nou? Van Nelle is gewoon gers, Ech Nie! Een Rotterdams icoon dat symbool staat voor opgestroopte mouwen, havenstad en werken voor je geld.”

Rotterdam is de motor van het land
De bron van alle leven
Het middelpunt van het heelal
Het brood waarvan we eten

“Ja leuk, al die rijmelarij, Ech Wel. Maar ik denk dat zelfs Deelder dit ding niet om an te gluren vond. Die hield trouwens sowieso meer van zwart….”

“Joh, weet je schat, azzie nie eens ken zien wat voor een spetter dit is, hou dan lekker je muil alsjeblieft!”

Rood-witte trappenhuis Van Nellefabriek met chromen leuningen
De Van Nellefabriek was zijn tijd ver vooruit maar voor mannen en vrouwen waren gescheiden trappenhuizen (bron)

Beknopte weergave van onze scheiding

“Pleurt effe gauw op!”, denk ik. “Een beetje van Nelle gaan zitten afzeiken, schei es uit!” Daar moet je bij mij niet mee aankomen natuurlijk.

“Waar ga je heen?”

“Ja, wat denkie? Ik gaat tante Nel feliciteren met d’r inschrijving! Dat hep ze wel verdiend!”

En pleite ben ik.

hoekie om
trappie af

gekkenhuis

Overkapping en twee luchtbruggen Van Nellefabriek doorklieven de blauwe lucht
“Het mooiste schouwspel van de moderne tijd”

Onvoorwaardelijk zuiver

Uit eigen kracht grootgebracht, dát is Rotterdam. En de Van Nellefabriek toont dat op weergaloze wijze. Wat ooit begon als een klein winkeltje op de Schiedamsedijk groeide uit tot een succesvolle onderneming die de wereld met haar vertoning versteld deed staan. Reeds in 1932, twee jaar na het beëindigen van de bouwwerkzaamheden, liet de toonaangevende architect Le Corbusier enthousiast optekenen: De heer Van der Leeuw heeft samen met zijn architect Van der Vlugt een grote fabriek gebouwd die het mooiste schouwspel van de moderne tijd is dat ik ken. Een sprankelend bewijs van het leven dat komt, van de schone, onvoorwaardelijke puurheid.

Anders dan onze Amsterdamse vrinden had Rotterdam ook niet de halve binnenstad nodig om haar verhaal aan Unesco te vertellen, één gebouw volstond. Met haar handel in koloniale waar vertegenwoordigt Van Nelle het koopmansverleden van de stad. En daarmee tegelijk de haven, de sjouwers en de sjorders. Haar nog altijd hippe jasje staat voor de drang naar vernieuwing en de moderne architectuur, en de in de oorlog gebouwde Schiehallen herinneren aan het vernietigende bombardement (toen Van Nelles pakhuizen aan de Leuvehaven verloren gingen) en de fiere Wederopbouw.

Van Nellefabriek en halfronde Schiehallen gezien vanaf de rivier
“Wie langs dit diepe water trekt, verliest zich niet, maar wint het zicht…”

Rondleiding Rotterdam

Twee weken duurde onze huwelijksreis. Schitterend mooi, en met een hoop Siciliaans werelderfgoed, maar ik ben blij dat ik weer terug ben. In navolging van Unesco besluit ik daarom, als een soort van ode aan de Rotterdamse architectuur, niet over de rijksweg naar Van Nelle te rijden, maar door de stad. Natuurlijk begin ik m’n rit bij de Kuip, het magnum opus van het Rotterdamse architectenduo Brinkman & van der Vlugt. Bij het verlaten van de parkeergarage betuig ik haar mijn nooit aflatende liefde. Daarna zoef ik glimlachend langs de hoogbouw op de Kop van Zuid en vervolgens knik ik vriendelijk naar de oude “Verhefbrug” die een stukje verderop staat.

De Hef van staal en ijzer
made in Rotterdam
en voor de loop der treinen
van eminent belang

Dan volgt de Willemsbrug, de opvolger van de oude “Mariniersbrug”:

Symbool van on-
verzett’lijkheid
leed aan metaal-
moeheid en was
gedoemd – Geen

marinier die ‘t
stage knagen van
den tijd een halt
toeriep – Integen-
deel! Reeds rees
uit Rotown’s harte-

bloed een nieuw
symbool ons tege-
moet – scharlaken
in de neongloed –
De Mariniersbrug
Poort die naar
heden voert

Glazen ketelhuis met schoorsteen
“Ontworpen om energie te geven”

Jules Deelder

Op de oeververbinding blik ik naar de indrukwekkende skyline en verbaas me over het feit dat men gedurende mijn veertiendaagse afwezigheid blijkbaar toch weer enkele wolkenkrabbers uit de grond heeft weten te stampen.

Posthistorisch vergezicht
tórenhoog de wooncomplexen
stapelen den einder dicht
.

Al sjezend door de stad vliegen de dichtregels van onze nachtburgemeester me om de oren. Vuilniswagens dragen zijn poëzie aan hun zijde, in de Proveniersstraat taalt zijn Rotown Magic op een schutting, West deelt zijn Lotgenoten op een gevel van de Middellandstraat en de Nieuwe Binnenweg eert hem met de regels:

De omgeving  
van de mens
is de medemens

Nadat ik ook “junkenopvang” Spangen voorbij ben…

Alster een hemel is
dan zal je zien
dat de Hemelpoort – o!
brok in ons keel –
verdacht veel weg heeft
van het Kasteel

…vraag ik me af welk gedicht er eigenlijk op de Van Nellefabriek prijkt?

Doorheen de glazen gevel van de Van Nellefabriek zijn paddenstoelkolommen zichtbaar
“Werelds erfgoed, Rotterdams icoon”

Glazen Paleis

Het gehele bedrijf der firma werd naar dit terrein verplaatst in het 48e jaar van haar bestaan, als blijvende herinnering daaraan werd dit opschrift hier geplaatst door het gezamenlijk personeel.

Hmmm, dat kan beter, vind ik zelf. Maar dat het personeel zichzelf gelukkig prees, dat snap ik ook nog wel. Voor hen moet het destijds geleken hebben alsof ze in een waar arbeidersparadijs waren aanbeland. Zo hoefden ze bijvoorbeeld hun werk niet langer te verrichten in donkere vertrekken bestaande uit bakstenen muren met iele uitsparingen, maar konden ze, doordat de gevel geheel uit staal en glas was opgetrokken, voortaan opereren in een zee van licht en ruimte. Een unicum in die tijd. Om er zeker van te zijn dat de werknemer ook voldoende genoot van het milieu dat hem omringde, liet Van der Leeuw de raamstijlen zo plaatsen dat ze de dames en heren niet hinderden bij het naar buiten kijken.

Daar felle zonnestralen het binnenklimaat negatief konden beïnvloeden, was het Glazen Paleis voorzien van draairamen, (een noviteit die ventileren mogelijk maakte) en zilveren zonweringen. Bijtende kou bestreed men middels dikke stoomleidingen. Ook over de individuele werkplek was van tevoren goed nagedacht. Ergonomiestudies lagen ten grondslag aan de keuze van het meubilair, doelmatigheid bepaalde de wijze van opstelling der machines en planten moesten bijdragen aan een goede sfeer en luchtvochtigheid.

Begane grond Van Nellefabriek met blauwe draaideur en veel glas
“Staal en glas, merktekens van een bevlogen architect”

Excellente arbeidsomstandigheden

Licht, lucht en ruimte waren de drie belangrijkste exponenten van het Nieuwe Bouwen, maar Van der Leeuw en zijn architecten voegden daar eigenhandig hygiëne aan toe. Vandaar dat ze de fabriek uitrustten met enkele ruim bedeelde wasgelegenheden. Een ongekende luxe want de doorsnee Rotterdammer was gedurende het interbellum al lang blij als die zichzelf één keer in de week kon schrobben met het smerige badwater dat de rest van de familie al voor hem had gebruikt.

Verder kon er geluncht worden in een kantine met uitgebreide keukeninrichting, boden bibliotheek, filmzaal en meditatieruimte verschillende mogelijkheden tot ontspanning, lagen er sportvelden ter verbetering van de fysieke gesteldheid en was je met de eerste pensioenfondsen verzekerd van een rustige oude dag. 

Overzichtsfoto Van Nellefabrieksterrein met op de voorgrond licht gebogen kantoorgebouw
Wit en met licht gebogen vorm

Voor Van Nelle

M’n hart versloeg
Het scheen me toe of één moment
alles rondom van marmer werd
De tijd gestold tot eeuwig ijs
Onwrikbaar vastgekruid
Ik wist genoeg

Ze ging van top tot teen in ‘t
wit en met licht gebogen vorm
Het stond me helder voor de geest
dat zij het was
op wie ik wachtte
en dat altijd al was geweest

Reclamebord Van Nellefabriek vormt lijnenspel met glazen luchtbruggen
“Architectonische parel van het Nieuwe Bouwen”

Ontoegankelijk

Haar rijzig silhouet houdt mij in de greep, bevangen door haar schoonheid nader ik mijn nieuwe liefde. Ik leg aan en…

Hé, hé! Dat
gaat zo maar

niet! Vanuit
het niets ge-

naderd op z’n
fiets, verbiedt

de kraai in u-
niform mij de toe-

gang tot het
vakgebied

Lichtblauw bedieningspaneel Van Nellefabriek voor licht en voeding
“Toonbeeld van het functionalisme”

De hardnekkige toezichthouder

De bewaker is onverbiddelijk. Ik mag geen foto maken…

Van Nelle is geen illusie
door de camera gewekt
Van Nelle is niet te filmen
Van Nelle is vééls te ècht

“Luister nou, mafkees, ik schrijf al jaren over werelderfgoed. Dan maggik toch zeker wel effe een paar plaatjes schieten? Of nie soms?”

“Ja, buiten de poort. Het fabrieksterrein is niet vrij toegankelijk.”

Ik zeg: vent val dood met
je buiten de poort wouzekous
la mijn lekker met rust
maar die vrijer hep ècht
een bord voor ze kop want
in plaats van af te taaie
gaatie met ze vingertje
lope wijze…
Ik zeg: vent maak je kas
met je wijsvinger vieze
stinkpoot anders slaat ik
je kop van je romp vuile
ruggetuffer maar die gozer
is niet meer te stoppe en
die ga an mijn staan sjorre
weet je wel

Net als ik z’n kop wil opensplijten gaat de telefoon…

Van Nellefabriek spiegelt zichzelf in glazen gevel
Monument van de vooruitgang

Rotterdam, Ech Wel!

Kersverse Echgenote: “Ja, wat denkie ervan? Blijvie bij die ouwe rotmoer of wat?”

“Bij wie? Bij Van Nelle?”

“Ja, wie anders?”

“Nou, dach ‘t nie. Die trut hép me een partij kapsones. Niet normaal. Ik mag niet eens bij d’r in de buurt komen!”

“Nee, arrogant hè, dat werelderfgoedtuig? Die gasten halen ech altijd het bloed onder je nagels vandaan…”

“Joh, krijg jij lekker de pest…”

“En jij fijn de kolere!”

Rotterdam, sterker door strijd. Ech Wel!


Ook wel eens een bakkie bij de Van Nellefabriek gedaan? Dichter of Modernist? Laat het ons weten in de reacties hieronder, we horen het graag!


Lees ook:

Wright. Dus met de organische architectuur van het Hollyhock House is niks mis?
Le Havre is knap lelijk

Strak wit vormgegeven villa van drie etages
Huis Sonneveld, villa van directielid Sonneveld gebouwd in dezelfde stijl als de fabriek

Noten

Noot 1: De goede verstaander had het natuurlijk allang begrepen, maar het dichtwerk in dit verhaal is niet van mij maar van wijlen Jules Deelder, de man die met zijn Ziekte van Hedel nog zo tekeer ging tegen die lui uit 020, maar over zijn geliefde Rotterdam vaak een hele andere toon aansloeg. Die tegenstelling heb ik in beide verhalen ook proberen weer te geven. Om een en ander goed in te passen heb ik mezelf wel wat dichterlijke vrijheid veroorloofd maar dat mag verder geen naam hebben…


Noot 2: De tussen aanhalingstekens staande teksten onder de foto’s zijn afkomstig uit een gedicht van Dirk Kroon en van de officiële Van Nellesite


Praktische informatie

Voor de modernisten onder u; de directie van Van Nelle was zo verguld met het eindresultaat dat ze hun eigen woningen ook in de stijl van het Nieuwe Bouwen lieten optrekken. Beide villa’s zijn mooi te combineren met een bezoek aan de Van Nellefabriek. (al behoren ze niet tot het werelderfgoed)

Adres van Nellefabriek: Van Nelleweg 1, 3044 BC Rotterdam (Spaanse Polder)

Huis Sonneveld
Villa Van der Leeuw